De stukken op het schaakbord: ‘witte’ en ‘zwarte’ concentratiescholen.

Tijd voor ingrijpende hervormingen

‘De inzet van het onderwijsdecreet was om een goede sociale mix te creëren, maar we stellen nu vast dat dit niet lukt’, zegt directeur-generaal van het katholieke onderwijs Mieke Van Hecke in DM 08/02. Vanuit GO! bevestigt men dat ‘wat nu wordt gedaan niet werkt’. Het is een ‘pijnlijke vaststelling’, maar verder deelt GO! niet dezelfde analyse als Van Hecke, want ze willen blijven inzetten ‘op een sociale mix in de scholen’. Nu is de vraag in welke richting we verder gaan.

Als het van de minister van onderwijs Pascal Smet afhangt is het antwoord duidelijk ‘Vlaanderen streeft naar gemengde scholen’, maar ‘we beseffen dat door de bevolkingssamenstelling in stedelijke omgevingen concentratiescholen onvermijdelijk zijn’.

Dringend radicale maatregelen nodig

Men is het er mee eens en we kunnen het maar moeilijk ontkennen, gezien we elk jaar de cijfers onder onze neus krijgen, die aantonen dat het onderwijs in België enorm uitsluitend en ongelijk is. ‘Segregatie en selectie zit ons onderwijssysteem in de genen’ gaat Smet verder. Hoe denkt u hier verandering in te brengen, meneer de minister? Is het GOK-decreet en een nieuwe pedagogische aanpak voldoende of is het misschien tijd voor ingrijpende hervormingen? Naar mijn mening moeten we dringend radicale maatregelen nemen, want we spelen nu al een tijd met de toekomst van de volgende generaties.

We hebben een sterk gedifferentiëerd onderwijssysteem waarin leerlingen al op  jonge leeftijd geselecteerd worden naar niveau en inzake beroepsgerichte oriëntatie. Dit heeft negatieve effecten op de gelijke verdeling van onderwijskansen tussen leerlingen uit uiteenlopende groepen in de samenleving. Onderzoek heeft meermaals bewezen dat dit fataal is voor leerlingen met een lage socio-economische achtergrond en migranten omdat de kans groot is dat zij in lage richtingen en in zwakke scholen terechtkomen. Dit werkt segregatie in de hand. Het aantal leerlingen met een migrantenachtergrond in ‘zwarte scholen’ is drie keer hoger dan het aantal leerlingen zonder migratiegeschiedenis.

Bleek discours

Er zijn nog andere problemen die men moet durven benoemen. Het onderwijs wordt niet langer gezien als emancipatorisch, het is een puur instrument geworden van de economische competitiviteit. Manageriale en financiële principes hebben de sociale en politieke waarde van het onderwijs van de kaart geveegd. Is het dan verwonderlijk dat onze leerlingen slecht scoren op burgerzin en democratische vorming?

‘Gelijke kansenbeleid’ is niet meer gebleken dan een bleek discours. De kloof tussen de leerlingen is groter geworden en de goed presterende scholen hebben de kans gekregen om te selecteren wie ze willen. Het is de markt die beslist. Dit betekent dat zij die in een zwakke positie zitten de grote verliezers zijn, want ze komen met ongelijke kansen in het onderwijssysteem terecht gezien hun socio-economische status. Bovendien hebben deze leerlingen minder baat bij het onderwijs, ze halen veel minder vaak een diploma en zo versterkt de school hun nadelige positie in plaats van deze recht te zetten.

Brussel

Leerlingen met een migrantenachtergrond zijn hier het slachtoffer. De relatie met de school heeft ook gevolgen voor hun zelfbeeld. De school zoals die vandaag is ingericht komt overeen met het beeld en de eisen van het ‘hardwerkende blanke middenklasse gezin’. Voor veel van deze leerlingen is de school de instelling die de dominante samenleving representeert. Het is hier dat deze leerlingen er achter komen dat ze volgens dit dominant beeld een mislukking zijn en dus is vaak de enige optie die overblijft zich afzonderen met anderen die hetzelfde lot delen.

Brussel is hier jammer genoeg een goed voorbeeld van. Jongeren voelen zich vervreemd binnen het onderwijs en zijn niet gemotiveerd. Het is niet toevallig dat bijna 25% van de jongeren de school zonder een diploma verlaat. Er is grote competitie tussen de Franstalige en de Nederlandstalige scholen (en de Europese scholen), infrastructuur schiet tekort en er is een gebrek aan leerkrachten. Dit heeft een diepe impact op de toekomst van de jongeren en de stad, want de school kan een belangrijke rol spelen om de sociale en economische mobiliteit van de jongeren te vergroten.

Hervormingen

Om de kwaliteit en gelijkheid van ons onderwijs te verbeteren hebben we een breed en langetermijn perspectief nodig. Het debat over de functie en invulling van onderwijs zou breder gevoerd moeten worden, zodat onderwijs de vertaling wordt van wat de samenleving nodig acht, en niet enkele dominante geledingen van de samenleving. Ouders en leerlingen moeten actief betrokken worden bij dit debat en meer inspraak krijgen. Er moeten socio-economische hervormingen komen die families de kans geven om beter onderwijs aan hun kinderen te bieden. Er moeten meer middelen vrijkomen om de zaken anders en beter aan te pakken.

In Brussel bijvoorbeeld is de dualiteit Frans – Nederlands achterhaald en die moet worden opengebroken. Het Brussels onderwijs moet in de handen van Brusselaars zijn en liefst zo snel mogelijk de stap maken naar meertalig onderwijs als een weerspiegeling van een multiculturele stad. De pedagogische uitwerking van het onderwijs moet stroken met de samenstelling van de Brusselse jeugd. Alleen op deze manier kunnen we de jongeren de toekomst geven die ze verdienen.

Bleri Lleshi is Brussels filosoof en documentairemaker

bron: opiniestuk uit ‘de redactie.be’

Schrijver schetst een beeld van o.a. de Brusselse onderwijssituatie die mutadis mutandis ook van toepassing is op de situatie in andere (groot-) steden waar de interculturaliteit sterk toeneemt.

De veralgemening dat het onderwijs niet meer emancipatorisch zou zijn maar slechts economisch competitief, zou ik als leerkracht aan een school waar ± 62 nationaliteiten school lopen willen tegenspreken. Het bewustzijn dat er flink moet gewerkt worden om het ‘waar’ te maken in onze maatschappij en kwaliteit te kunnen presenteren als toekomstige sollicitant, motiveert wel degelijk de leerlingen uit zowel BSO,TSO als ASO. Als ze in de bekende ‘elitescholen’ uit de streek weggeselecteerd werden, beseffen ze maar al te goed in welke school hun beste kansen liggen en maken ze wel degelijk een keuze op basis van een aantal criteria die misschien nog te weinig onderzocht werden. Een degelijke structuur aangeboden krijgen en je sociaal goed in je vel voelen, zijn er  slechts enkele van. Dan ontstaat in zo’n school ook burgerzin,  democratische zin en bewustwording dat het lerarencorps hen begeleidt en leidt  en de lat geleidelijk aan hoger legt opdat ze in de toekomstige maatschappij als volwaardige burgers zouden kunnen functioneren.

Als leerkracht heb ik altijd geprobeerd om mijn onderwijsdoel niet uit het oog te verliezen: voor sommigen waren dat de minimumdoelen, voor anderen de uitbreiding die meer uitdaging bood. En wie als leraar al bezig is geweest met de taalvaardigheid van onze allochtone leerlingen, zal constateren dat ze  veel meer dan één taal zeer vlot beheersen. Een sterke troef voor hun toekomst, toch?Studeren in een multiculturele klas is ‘anders’ dan in een ‘witte’ klas. Les geven in beiden, maakt je bewust van wat leren ‘eigenlijk’ is. Het watervalsysteem dat in ons onderwijs al lang is ingebakken, treft nu vooral de allochtone gemeenschap zoals het vroeger de kinderen uit autochtone sociaal achtergestelde buurten trof. De socialisering komt traag op gang maar is naar mijn bescheiden mening geen verloren zaak, zoals je sommigen maar al te vaak hoort beweren. Juist in dat socialiseringsproces speelt de school een erg belangrijke rol.

Dominant patriarchale structuren laten soms moeizaam hun harde bevoogdende en gewelddadige strategieën los. Matriarchale structuren gaan soepeler om met  inspraak en dialoog en vormen daardoor ook een betere voedingsbodem om te groeien naar een overlegcultuur. Wetend dat veel van onze allochtone leerlingen uit dominant patriarchale structuren komen die dan ook nog eens religieus bevoogdend zijn, maakt het emancipatieproces soms erg moeilijk. Je eigen weg kunnen gaan is o.a. voor veel allochtone meisjes geen evidente optie. Ze hebben rolmodellen nodig. Maar in de culturen waaruit ze komen, zijn die nog niet overvloedig aanwezig. Gevangen tussen twee culturen moeten die jongeren zichzelf dan een weg banen in een economisch uiterst competitieve maatschappij die hen vaak ook nog vijandig gezind is. Hoeveel allochtone call center agents moeten zich aanmelden met een westerse naam? Economisch gewin boven alles! De graaicultuur van een ‘financieel-economische elite’ veeg je hen al lang niet meer uit de ogen. Hier zullen ze de weerbaarheid nodig hebben die omgaan met moeilijke situaties hen bijbracht. Verbale, cognitieve en attitudinale vaardigheden, getraind op school, moeten dan hun vruchten afwerpen. Daar ligt het evaluatiemoment van ons onderwijs!

Dat er voldoende middelen voorhanden moeten zijn en een degelijk zorgbeleid moet gevoerd worden om als multiculturele school een evenwaardige speler op het schaakbord te kunnen zijn, staat volgens mij buiten elke discussie. Intelligentie heeft geen kleur, sociaal-economische hindernissen hebben dat jammer genoeg wel!

Auteur: Blauwkruikje

Master of Germanic Philology - KULeuven - Belgium - Nature, fiction, theater, poetry, philosophy and art lover. Photo: Ostend (B) - Japanese Deep Sea Garden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s