Leuke excursie: landschapsanalyse in de Condroz ****

Enkele beelden uit de 11km lange wandellus in de Samsonvallei (Thon-Samson – Goyet -Thon-Samson). Gewapend met topografische kaart en opdrachtenbundel trokken de 6de jaars van COLOMAplus, onder leiding van de heer T. Broekmans, aardrijkskundeleraar, op maandag 16 mei stroomopwaarts langs de Samson vanuit één van de mooiste dorpjes van Wallonië, Thon, naar de prehistorische grotten van Goyet en vandaar weer terug naar Thon. Prachtige panorama’s, typische dorpskernen, kastelen, landhuizen en boerderijen doken al wandelend voor ons op. De namiddag trakteerde ons even op motregen, frisse bries en 16°C maar dapper werden alle opdrachten opgelost, slechts enkelen raakten er het noorden bij kwijt.  Meer informatie over La valleé du Samson vindt u hier.

                  

                       

     

I.M. – Connie Palmen ****

Meer dan tien jaar geleden kocht ik deze roman omdat het Connie Palmens afscheid van haar Ischa Meijer, overleden aan een hartaanval op 14 februari 1995, was. Hoe de auteur van De vriendschap waarin reeds melding van haar relatie met Meijer, deze ingrijpende gebeurtenis in haar leven, deze plotse keiharde realiteit zou verwerken in een roman, was toen mijn grote nieuwsgierigheid. Toch weerhielden in die dagen rouw en afscheid in mijn persoonlijke leven me ervan het boek te lezen. Vooral In memoriam, het tweede deel en tegelijk het laatste hoofdstuk van deze roman, biedt een onmiddellijk antwoord op de vraag wat plots verlies van een geliefde bij een mens zoal kan aanrichten. Nu, jaren later, besef ik dat het dat deel was, wat ik toen het meest moet gevreesd hebben; de impact van iemands onzeglijk verdriet, het rauwe van de rouw. Het eerste deel In margine is het relaas van een relatie die gedurende vier jaar geleefd werd met een intensiteit die je nauwelijks voor mogelijk houdt. Ischa en Connie, twee helften van één ziel, reizen, schrijven, discussiëren, analyseren, halen familierelaties aan en doen de gewone huiselijke dingen (Soep op het vuur is als een goede vriend in huis; extra lekkere soep is als nieuwe familie – Ischa Meijer 1943-1995). Ischa heeft een moeilijke relatie met z’n vader, heeft Westerbork en Bergen Belsen met z’n ouders overleefd. Trouw en ontrouw en de ermee gepaard gaande jaloezie  is vaak een punt van discussie en analyse tussen hen. Connie heeft een heel eigen verklaring voor z’n ‘verslaving’ en voor elke verslaving ‘tout court’ en Ischa weet ‘de vrouw die op de dag dat ze in mijn leven komt in tranen uitbarst boven mijn soep, die heeft iets bijzonders met eten.’ Kennis is liefde. Liefde is kennis. Ischa, de journalist op zoek naar de waarheid, Connie, de filosoferende literator, die haar gevoelens en gedachten ten allen prijze helder wil krijgen. Terwijl ze vaak naar Florida, New York en de Westkust reizen, doen ze motels en dure hotels aan waar Ischa dan journalistieke artikels over pleegt.  Ischa schrijft DikkeMan-columns voor Het Parool  en Connie is druk met haar New Yorkse uitgever van The Laws (de Engelse vertaling van De Wetten, haar succesroman uit 1991) en het schrijven van De Vriendschap; Ischa werkt ook regelmatig aan een boek Ten tijde van mijn vader. Wat boeit in deze roman is de heldere manier waarop  de auteur de gevoelens van beiden, de warme, waakzame relatie die ze leven en de emoties die ermee samen gaan, de toekomstplannen die ze beiden maken en de impact van de bruuske dood die in die toekomst binnenbreekt, weet te verwoorden. Een absolute aanrader.

Coetzees roman ‘In Ongenade’ opgevoerd door ’t Arsenaal

Nieuwsgierig naar de bewerking voor theater van ‘In Ongenade’ (J.M. Coetzee), trok ik vrijdagavond naar ’t Arsenaal in Mechelen. Regie en creatie van het stuk waren in handen van Bie Boeykens. Rik Van Uffelen en Marianne Loots tekenen voor respectievelijk de mannelijke en vrouwelijke personages uit het verhaal.

Rik Van Uffelen kon mij aanvankelijk als de hoofdpersoon, professor David Lurie, niet overtuigen. Naarmate het stuk vorderde, zette hij echter een betere interpretatie neer van de intellectueel Lurie in de moeizame en afstandelijke dialoog met zijn dochter Lucy, ‘boervrou’ uit de Oostkaap. De epische spelvorm waarbij de acteurs  afwisselend verteller zijn en dan weer hun rol opnemen, vraagt van de kijker-luisteraar toch wel een inspanning omwille van het intellectualiserend effect. Marianne Loots verdrinkt in de veelheid van scènes die ze te vertellen en te spelen heeft en komt daardoor meestal vlak over. Uit de roman springt een koppiger, expressievere Lucy naar voren.

Het decor werd sober gehouden. Het bestond uit een paar schermen die als raamwerk en projectiescherm  voor sfeerbeelden van het Afrikaanse landschap, Kaapstad en de universiteit, de boerderij, het dierenasiel met de honden en het schimeffect van Lucy onder de douche na de ‘inbraak’ in de boerderij, gebruikt werden. Verder is er nog een aftandse plastic stoel  en  een terrastafeltje. 

De kostuums, een ontwerp van Nina De Vroome, verrasten. Lurie zat in een beige linnen pak met t-shirt, bril aan een touwtje op z’n borst. Niet meteen het beeld van een academicus, eerder van een dandy, een don juan met vakantie. Nu ja, de verslaving van deze womanizer in acht genomen. Lucy kreeg een kort licht wit-oranje zomerjurkje en bruine leren boots, ook weer niet meteen de ‘boervrou’ uit de hippietijd.  De David Lurie uit de roman ziet aan het einde z’n zwangere dochter in een bloemenveld werken en  is vertederd door dit Bonnard-tafereel. De estheticus die toekijkt en buiten het kunstwerk staat. Deze passage had kostuumontwerp en enscenering tot meer expressiviteit kunnen inspireren.

Het geheel miste dramatische kracht; deels door de vele vertelfragmenten en door de focus op de vader-dochterrelatie. De laconieke beschouwingen over zijn erotisch leven lokten reactie uit in de zaal. Marianne Loots in de dochterrol deed eerder denken aan het piepjonge studentinnetje dat de oorzaak werd van zijn ‘disgrace’ dan aan zijn dochter, de plattelandsvrouw die een andere vorm van ‘disgrace’ te verwerken krijgt.

Dat het onherroepelijk kunnen ‘loslaten’ van ‘een stervende hond’, op het einde, wordt gebruikt als symbool voor het loslaten van z’n dochter in een even onherroepelijke toekomst, is een sterke pointe die verloren gaat.

Orchidee (1998) – Luc Tuymans Retrospectieve – Bozar***

 Orchidee (1998) is een  stille getuige in de reeks ‘Veiligheid’ van Tuymans waartoe ook ‘Lumumba’ en ‘De Missie’ behoren. De retrospectieve tentoonstelling brengt een overzicht van 30 jaar scheppende arbeid, die door de Amerikaanse curatoren uit privécollecties werd samengebracht. In de selectie van 75 werken legden ze de nadruk op reeksen die Luc Tuymans zelf als een samhangend geheel opvatte en uitwerkte. Tuymans beweert: ‘I am not interested in aesthetics; I am into meaning and necessity.’  Duidelijk wordt dat hij met z’n schildrijen vooral een politiek statement wil maken over de Tweede Wereldoorlog, het Koloniale en Post-koloniale tijdperk van België en de Amerikaanse politiek na 9/11.  De pasteltinten lijken alles in een eerder nostalgisch licht te plaatsen aldus de gruwel van wat sommige schilderijen oproepen, verdoezelend. De orchis is hier een opvallende uitschieter wat coloriet betreft. In de reeks ‘Veiligheid’ krijgt ze een onheilspellende betekenis. Sommige recensenten beweren dat Tuymans zowel in z’n portretten als in de kleurtonen die hij gebruikt, blijk geeft van een zeker onvermogen. Het ontbreekt z’n schilderijen aan diepte en licht. Ik had de indruk dat Bozar, waar hij ooit geweerd werd, niet onmiddellijk de geschiktste expositieruimte is voor zijn werken. Hij werkt in een eclatant wit atelier en dat is wat z’n werken, naar mijn bescheiden aanvoelen, ook als expositieruimte eisen. Deze nieuwe monumentale Rubens van Antwerpen, hoort thuis in de moderne witte monumentaliteit van de 21ste eeuw en lijkt geen Viktor Horta-architectuur genegen.

www.bozar.be

%d bloggers liken dit: