Rood. Een bekoring – Midas Dekkers ****

Recensie: Rood, een bekoring

Roodharigheid is de heerlijkste harigheid, vindt Midas Dekkers. De bioloog, die eerder lofzangen schreef op poezen en ander gedierte, kiest nu een menselijk onderwerp: de roodharige.

Rood is als een spinnende poes
Je zou denken dat het een hele opgave is om tweehonderd pagina’s vol te schrijven over een zo simpel onderwerp als roodharigheid, maar dat geldt niet als je Midas Dekkers heet. Hij onderzoekt waar de roodharigen vandaan komen en hoe we deze soort kunnen behouden zonder ons te verlaten op rassenpolitiek, vergelijkt de aantrekkingskracht van een roodharige vrouw met die van een spinnende poes en probeert de ziel van rood te doorgronden: is een roodharige vrouw daadwerkelijk anders dan anderen?

Veren wil je niet aaien
Dit doet hij met bijzonder veel humor. Zoals wanneer hij het heeft over zoogdieren, voor het oog duidelijk de mindere soort in vergelijking met vogels, die met hun kleurenpracht vogelaars van over de hele wereld aantrekken. ‘Zoogdierelaars’ zie je immers nooit. Maar zoals roodharigheid de beste harigheid is, stelt Dekkers, is harigheid de beste heid. Veren wil je niet aaien. Terloops verwerkt de bioloog heel wat kennis in zijn anekdotes, waardoor ik naast het vele hardop lachen ook nog het gevoel had iets op te steken.

Stront in de ogen
Gek is het niet dat juist Midas Dekkers zijn hart sneller voelt kloppen bij de aanblik van een roodharige vrouw. Net zoals in de natuur rood een signaalkleur is, is een rood hoofd tussen alle bruine en blonde in de Kalverstraat een verschijning die je al opmerkt voordat je hem gezien hebt. ‘Wie bij het zien van rood haar geheel onberoerd blijft, heeft een hart van steen. Of stront in de ogen.’

Mijn haardos voelt ineens heel gewoontjes
Rood moet bijzonder blijven om op te vallen tussen het gepeupel. En dat wordt het dankzij Dekkers’ bewonderende schrijven zeker. Mijn eigen bruine haardos voelt ineens heel gewoontjes. Ik zou bijna naar de kapper rennen voor net zo’n vurig hoofd als waar al deze lyriek door geïnspireerd is, ware het niet dat ik nooit het echte rood zou kunnen creëren.

Massief rood
Gelukkig stelt Midas alle anderskleurigen gerust: ‘Wat drijft een vrouw met een mooie bos kastanjebruin, goudblond of ravenzwart haar toch tot een kop vol klatergoud?’ Die kunnen het beter zo houden, vindt hij, want niets is erger dan een vals signaal afgeven. ‘Tot in je tenen weten de cellen of er rood haar op je hoofd zit. Een roodharige is massief rood.’ Dat valt niet te imiteren, hoe hard je het ook probeert. Ik kan me dus beter neerleggen bij mijn bruinharigheid.

Dan helpt alleen de tondeuse
De enigen die er echt slecht van afkomen, nog slechter dan de peper-en-zoutkleurigen, zijn de rode mannen. Zo bevoordeeld als roodharige vrouwen zijn, zo benadeeld zijn roodharige mannen. Ze krijgen van Dekkers twee zinnen om uit te leggen hoe dat zit, en één als advies: ‘Hier bieden alleen kapper en tondeuse soelaas.’ Dan hebben wij vrouwen het, rood of niet, toch een stuk beter getroffen.

Bron: http://www.viva.nl/2011/04/27/recensie-petra-boekenclub-rood-midas-dekkers/

Auteur: Blauwkruikje

Master of Germanic Philology - KULeuven - Belgium - Nature, fiction, theater, poetry, philosophy and art lover. Photo: Ostend (B) - Japanese Deep Sea Garden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s