Keith Haring – Bozar Brussels*****

Deze tentoonstelling is niet de eerste maar wel de meest volledige retrospectieve in België. Bozar wilde Haring absoluut nu tonen en wel omdat zijn werk tot op vandaag brandend actueel blijft. De zoektocht naar een genderidentiteit, de roep naar een duurzame wereld en – helaas- racisme zijn aan de orde van de dag. Ook de strijd tegen AIDS is op wereldschaal nog lang niet gestreden. Kunst op zich kan de wereld niet redden. Kunstenaars kunnen wel laten zien hoe we ons de vaak sombere werkelijkheid anders kunnen voorstellen. Het is die levenskrachtige spiegel die Haring ons voorhoudt, van zijn eerste collages tot zijn laatste muurschilderingen.

De naam en de stijl van Keith Haring maken deel uit van het culturele erfgoed van het einde van de 20ste eeuw – zijn oeuvre straalt zoveel levensenergie uit dat het zich in ons collectief geheugen heeft gegrift. Haring zelf vertelde hoe tekenen deel uitmaakte van zijn leven sinds zijn kindertijd.: “Ik tekende al sinds mijn vierde. Ik heb leren tekenen dankzij mijn vader, die spelenderwijs zelfbedachte dieren tekende. Hoewel hij nooit carrière maakte in de kunstwereld, moedigde hij me toch aan om tijdens mijn schooljaren te blijven tekenen.”

Later kiest hij voor de School of Arts in New York. Hij waagt zich aan verschillende disciplines, want leergierig als hij is, wil hij alles uitproberen. Het is vanuit diezelfde motivatie dat hij steeds blijft vasthouden aan een genre-overschrijdende aanpak, ook al blijft tekenen heel zijn leven zijn favoriete manier om zich uit te drukken. Hij tekent snel en precies, krachtig en expressief, flitsend en met een treffende eenvoud. Hij tekent en schildert motieven zoals baby’s, dolfijnen, televisies, honden, silhouetten en vliegende schotels. Hij zet zijn tanden in zijn tijdperk en belichaamt helemaal de tijdsgeest.

“Ik ben misschien veel dingen, maar ik ben tenminste zeker dat ik goed gezelschap ben geweest voor tal van kinderen. Misschien heb ik hun leven op een blijvende manier beïnvloed.” – Keith Haring in zijn dagboek.

Art should be something that liberates the soul, provokes the imagination and encourages people to go further. – Keith Haring

Visueel Activist

Haring beschouwde de kunstenaar als “een woordvoerder van de maatschappij op een bepaald moment”. De onderstaande affiche creëerde hij als eerbetoon voor Nelson Mandela op diens 70ste verjaardag. Met zijn affiches kon hij zich openlijk als activist opwerpen. Hij liet ze vaak op eigen kosten drukken en verspreidde ze op manifestaties.

Nelson Mandela 70th Birtday Tribute , 1988
Protest tegen de atoomwapenwedloop en de Koude Oorlog

Kunst in Transit

Haring vond dat kunst er moest zijn voor iedereen. Toen hij in New York aankwam wist hij meteen dat de straten een zinvolle ruimte waren om kunst te tonen.

“The public has a right to art … Art is for everyone.” – Keith Haring

Zijn tekeningen in de metro waren een kans om naast de graffitikunstenaars die hij zo bewonderde te werken. Zijn kunst vult er de publieke ruimte waar de stad bruist van leven. Het openbaar vervoer wordt de allegorie van zijn ‘transitkunst’. Met zijn zo makkelijk te herkennen motieven illustreert hij de voor reclame voorbehouden ruimten op de weg van pendelaars en urban reizigers.

Keith Haring en de New Yorkse underground

Club 57 en Alternatieve Kunstruimten

Harings uitvalsbasis in New York was de East Village in downtown Manhattan. Door de goedkope huurprijzen trok de wijk als een magneet een diverse kunstenaarsgemeenschap aan. Aangezien ze weinig gelegenheden hadden om tentoon te stellen in conventionele galerieën, creëerden deze kunstenaars alternatieve kunstruimten en toonden ze hun werken tegen de achtergrond van een bruisende partyscene. Ze bouwden voort op de DIY-attitude van de pioniers van de punk met hun fotokopieën. De amateuristische zwart-wit look leek een uitdrukking van zowel de economie als de sfeer van die tijd. Haring ontwierp uitgewerkte affiches en flyers voor zijn eigen activiteiten en die van zijn vrienden kunstenaars.

Een van zijn grootste bijdragen was de organisatie van tentoonstellingen in Club 57, in de kelder van een Poolse kerk op St. Mark’s Place. In het begin van de jaren 80 organiseerde hij ook streetarttentoonstellingen in de Mudd Club en werd verliefd op disco en house in de legendarische nachtclub Paradise Garage.

Keith Haring ontwerpt platenhoezen voor artiesten als Malcolm McLaren, The Peech Boys en Sylvester

If commercialization is putting my art on a shirt so that a kid who can’t afford a $ 30,000 painting can buy one, then I’m all for it. – Keith Haring

Pop Art Life

Haring kan als geen ander bezit nemen van tentoonstellingsruimten, die hij naar eigen beleven vorm geeft en transformeert. Vanaf 1982 krijgt hij steeds meer internationale tentoonstellingen en in 1986 opent hij in SoHo zijn Pop Shop waar hij zelf geïllustreerde kleren en affiches verkoopt. Het is onder de begeleiding van Andy Warhol dat hij erin slaagt om zijn Pop Shop uit te bouwen tot een verlengstuk van zijn artistieke praktijk.

Act up for Life

De roze driehoek in Silence = Death van 1989 werd in de jaren 70 een symbool van de LGBTQ beweging, die besloot het terug te claimen van de nazi’s in Duitsland, die het gebruikten om homo’s biseksuele mannen en transvrouwen in de concentratiekampen te identificeren. De driehoek met de slogan Silence = Death werd al snel één van de iconen van de activistengroep Act Up. Haring sloot zich bij hun protest aan en ontwierp enkele affiches voor hen. Hij creëerde veel sterke beelden die bijdroegen tot het bewustzijn, de voorlichting en het activisme rond AIDS/HIV.

Poëzie voor Keith Haring

BOZAR vroeg de Amerikaanse auteur Chris Kraus als curator van een literaire bezoekersgids rond Keith Haring. Hoewel hun werk totaal verschillend is, maakten Kraus en Haring beide deel uit van de artistieke underground in het New York van de jaren 1980. Naar aanleiding van de tentoonstelling rond Keith Haring, selecteerde Kraus vroeg vijf jonge dichters om zich te laten inspireren door de kunst en ideeën van de artiest. 

Eén van hen was Cecilia Pavón. Ze heeft vijf dichtbundels en drie verhalenbundels op haar naam staan en woont sinds 1992 in Buenos Aires, toen ze er student was. Tussen 1999 en 2007, tijdens het isolement van de economische crisis, baatte Pavón samen met Fernanda Laguna, Argentijnse schijfster, een soort alles-aan-99 cent- winkel uit. Zij waren de curators en het pand was een oude apotheek. De naam van de winkel, Belleza y Felicidad, Schoonheid en Geluk, was ook de naam van een magazine dat ze uitgaven. Zoals César Aira, Argentijns schrijver en vertaler, al opmerkte, schept haar werk een parallelle wereld die zich laat zien “als een droom, net als de realiteit.”

Zonder titel

De manier waarop kunst je raakt kun je altijd herleiden tot je jeugd.
Ik ben geboren in een plattelandsprovincie zonder musea aan de voet van de Andes.
In mijn jeugd was kunst iets uit de boeken,
en in die boeken stond alleen Europese kunst,
(de grote Europese kunst uit het Parijs van het begin van de 20ste eeuw).
Toen ik op mijn dertiende voor het eerst een tekening van Keith Haring zag
op een ansichtkaart in het huis van een vriendin, vond ik dat geen kunst.
Kunst die geen kunst is:
Nu denk ik dat dat de fantasie is van elke artiest
kunst maken die geen kunst is
dat is tenminste mijn droom als dichter:
poëzie maken die geen poëzie is.
Ik zit thuis te werken en moet naar de bank
om het geld te innen dat me vanuit België is gestuurd
voor het schrijven van een gedicht geïnspireerd door Keith Haring.
Nooit eerder den ik betaald voor het schrijven van een gedicht.
Ik woon in Once, een wijk vergelijkbaar met het Brooklyn van 1983.
Ik vertrek tijdens de siësta, de zon blakert in de lucht
er staat een busje dubbel geparkeerd op de calle Alberti
het is bedolven met tags, mijn wijk zit onder de graffiti.
De zwarte, met de stift getrokken lijnen vormen nesten om in te vluchten,
of een regelloos pentagram, de graffiti vormt pentagrammen voor een dans zonder muziek.
Ik loop naar de supermarkt in de calle Alberti,
een paar duizend kilometer verder staat de Amazone in brand.
De prijzen van de levensmiddelen stijgen alarmerend snel sinds de verkiezingen.
Maar de mensen lachen, een enorm mysterie, ze drinken samen koffie, kussen elkaar, kletsen, lachen, omhelzen elkaar, het is een enorm mysterie hoe ze nog lachen.
Ik denk aan kunst die geen kunst is, kunst die geen kunst is, kunst die geen kunst is, aan poëzie die geen poëzie is.
Ik weet het zeker:als hij nog zou leven, noemde Keith Haring zijn kunst religie.



Cecilia Pavón

Chris Kraus zelf schrijft: “Ik herinner me dat ik elke nieuwe Keith Haring krijttekening in het Astor Palace metrostation met vrees tegemoet zag. Harings vrolijke en cartooneske persoonlijke lexicon – het schitterende hart, het stralende kind, de dansende stokventjes -voelden aan als het einde en het begin van iets.”

De tentoonstelling loopt nog tot 19 april 2020

%d bloggers liken dit: