CSA De Plukheyde – Kampenhout

Waar onze biogroentjes groeien

Foto door Pixabay op Pexels.com

Biologische pluk- en oogsttuinen worden steeds populairder.

Community Supported Agriculture (CSA): dat zijn groenten, fruit en dierlijke producten van een landbouwbedrijf in de buurt.

Door zijn ecologische manier van werken, zorgt de CSA-boer voor jouw gezondheid en voor de gezondheid van het milieu en de bodem.

Door je voorafbetaling eet je als deelnemer elke dag lekkere, verse producten en neem je tegelijk verantwoordelijkheid op. Je geeft de professionele landbouwer bestaanszekerheid en zorgt mee voor het voortbestaan van duurzame landbouw.

Bekijk de reportage over hoe CSA in zijn werk gaat bij CSA-tuinder Koen Tierens:

De Plukheyde, waar onze wekelijkse biogroentjes groeien.

Zonder de top te bereiken – Paolo Cognetti****

Waar zijn we naar op zoek wanneer we op reis gaan? Deze vraag staat centraal in Zonder de top te bereiken, dat is geschreven in de traditie van de grote reisliteratuur en vertelt over Dolpa, een afgelegen gebied in de Himalaya. Het is een boek over hoe een man tot inzichten komt op vijfduizend meter hoogte door één voet voor de andere te zetten. Hij reist door een land dat onaangetast is door de moderne tijd, vergezeld door een ezel en Peter Matthiessens reisklassieker De sneeuwluipaard. Maar Zonder de top te bereiken is meer dan een reisverslag: het is een eerlijke vertelling over iemand die probeert zijn grenzen te vinden, die vele oude zekerheden ziet vervagen en die de pracht ontdekt in kleine zaken, zoals een onverwachte ontmoeting met een Tibetaanse hond. De hoofdpersoon zoekt balans in zijn leven en vindt die in de schoonheid van de natuur.

Zo probeert de flaptekst ons over te halen om dit autobiografische boek van Paolo Cognetti, auteur van De acht bergen, te lezen. Thematisch sluit het perfect aan bij De acht bergen en lijkt het als het ware het onontkomelijke vervolg ervan. Dat de auteur hier via een trekkingexpeditie in de Himalaya, zijn grenzen verkent en erover gaat, voert hem naar een transparantie waarvan hij weet dat ze – terug in de drukte van de wereld – nog slechts herinnering zal zijn.

Het reisverhaal begint als volgt:

Eind 2017 – tevens het einde van mijn veertigste levensjaar – vertrok ik met een paar vrienden naar de regio Dolpo, een hoogvlakte in het Noorwesten van Nepal, waar we ongeveer een maand te voet, over meer dan vijfduizend meter hoge passen langs de grens met Tibet zouden trekken. Tibet zelf was onbereikbaar (…) genadeloos gekoloniseerd door het kapitalistische China (…) bestond dat oude rijk van monniken, kooplieden en nomadische herders eenvoudigweg niet meer. p 9

*

Zonder de top te bereiken focust op het hier-en-nu van het stap-voor-stap een pad volgen en wel in een karavaan van zevenenveertig trekkers bestaande uit een keukenploeg, gidsen, dragers, muildieren en een tiental Westerse toeristen. De trekking van zo’n vijfhonderd kilometer voert door het Himalaya gebergte. Topdoel van de expeditie is de Shey Gompa, het kristallen klooster, laatste overblijfsel van het oude, verdwenen Tibet. Het Shey-klooster en het Shey Palace-complex zijn constructies op een heuvel in Shey, 15 kilometer ten zuiden van Leh in Ladakh, Noord-India . Shey was in het verleden de zomerhoofdstad van Ladakh.

Gedurende deze veeleisende tocht wordt Cognetti regelmatig gekweld door de hoogtedemon, zoals hij zijn hoogteziekte noemt, die hem boven de 3000 meter fysiek zwaar op de proef stelt. Tegelijkertijd houdt zijn grote gevoeligheid voor het niet tastbare hem aandachtig en alert. 

Het lijkt ook alsof deze expeditie voor Cognetti de expeditie van de laatste kans is want waar zijn inspirator Peter Matthiessen veertig jaar eerder meent ‘de ondergang van een beschaving’ te bespeuren door de voedselschaarste en de moeizame strijd om het bestaan op de hooggelegen koude plateaus, ziet Cognetti dat het eigen is aan bergbewoners om met voedselschaarste om te gaan en ‘op een dag zullen deze menselijke wezens een rechtstreekse weg naar China aanleggen. Hier zullen vrachtwagens vol koopwaar en illegale verstekelingen langskomen, over de hele lengte van het dal zullen barakken verschijnen en de rivierbedding zal verworden tot een vuilstortplaats; en dan zullen de laatste sporen van een oude Tibetaanse cultuur verwaaien tussen het afval en de mobiele telefoons.’ p 98

*

Ik wist dat je in de bergen altijd alleen loopt, ook als je met iemand samen bent, maar ik was blij mijn eenzaamheid met deze reisgenoten te kunnen delen. p12

Ik herinnerde me dat de belangrijkste Tibetaanse pelgrimstocht daarentegen in een cirkel rond de berg Kailash voert, die in die cultuur heilig is. Kora in het Tibetaans, oftewel circumambulatie: christenen planten kruisen boven op bergen, boeddhisten lopen eromheen. Die eerste handeling had in mijn ogen iets agressiefs; de tweede iets zachtmoedigs; een verlangen om te veroveren versus een verlangen om te begrijpen. p 30

Op een rotswand stond de mantra Om Mani Padme Hum geschilderd, zes symbolen die ik had leren herkennen en die ik af en toe hoorde chanten. ‘O, parel in de lotusbloem’, een geheimzinnige regel die op duizend manieren geïnterpreteerd kan worden en die zinspeelt op het op het onzichtbare dat schuilt in hetgeen je ziet.p 32

Ook als je niet weet waar je naar op zoek bent, dacht ik, kun je maar het beste een stroom volgen: die geeft altijd de richting aan , voert omhoog naar zijn bron en naarmate je hem helderder ziet worden voel je dat je op weg bent naar zijn zuiverheid en naar de jouwe. p35

Daar waar alleen de verbeelding kwam, lag de weg van morgen. p 49

Eenmaal boven tussen de in elkaar verstrengelde geraakte gebedsvlaggen, legde Lakba (zijn zwijgzame gids, BK) zijn steen op een stapel steentjes. ‘Ki Ki, so so,’ mompelde hij. Ook ik legde mijn steen op de stapel, maar zei niets. p 69

De hond Kanji in de ogen kijkend: ‘Jij bent toch degene die heeft geschreven: “Een glimp van je eigen ware aard zien is als naar huis terugkeren”? p 94

In een winkel kocht ik een lap stof met een blauwe, een gele, een rode, een witte en een oranje baan en bond die aan mijn rugzak. Ik had er geen enkele bedoeling mee; het was vermoedelijk mijn manier om uiting te geven aan mijn weezin tegen grenzen. p 101

Over de sneeuwluipaard: Toen ik er die dag over nadacht had ik het idee dat die ongrijpbaarheid, dat talent ergens te zijn en uit het zicht te blijven, niet alleen karakteristiek was voor hém, maar voor heel Dolpo. p 104

Ik liet iets achter wat niet gezien en niet aangeraakt was, maar ik was er zo dichtbij geweest dat ik de aanwezigheid had gevoeld. Dat is wat je ervaart als je afdaalt uit de bergen. p 137

*

Zonder de top te bereiken dringt door tot de essentie van het menselijk bestaan en weet de kern van ‘geluk’ en van ‘leven in het moment’ feilloos naar boven te halen:

Ik realiseerde me dat alleen al in woorden als winnen en verliezen een volkomen westerse, economische opvatting van bergwandelen besloten lag, waarin hoogte en afstand het kapitaal zijn dat we met onze inspanningen vergaren, een investering die we niet graag willen verkwisten. Ik meende de stem van Peter te horen: kies voor andere woorden, zei hij. Kies voor een andere manier van denken. Wie heeft de Kailash gezien vanaf de ongerepte top van de Kristalberg? Zoek het antwoord in het stijgen en het dalen zelf, want door alles te verliezen wat je dacht gewonnen te hebben, leer je dat het pad veel waardevoller is dan de top. Put uit elke stap betekenis. p 127

Dat is precies wat Cognetti met deze reiservaring, dit reisverslag de lezer ook wil laten voelen en beleven, helemaal in het teken van het Terzani-motto dat hij het boek meegaf:

Ik zou liever schilder willen zijn
dan woordkunstenaar,
vanochtend.
In de nevel tekenen zich,
met hun grote bemoste omhelzingen,
de machtige rododendrons af.

Tiziano Terzani, Een idee van het lot.

Herfst – Ali Smith

Als de staat niet vriendelijk is, zei hij. We hadden het over het referendum, dat kwam eraan, dan zijn de mensen veevoer

Het verhaal. De 101-jarige Daniel Gluck en de 32-jarige Elisabeth hebben een bijzondere vriendschap. Elisabeth leerde Daniel kennen toen ze acht was. Hij was haar buurman, en deze belezen, enthousiaste kunstverzamelaar nam haar mee in zijn wereld van kunst en literatuur. Als Elisabeth naast een slapende Daniel in het verzorgingstehuis zit, dringt de betekenis van de gesprekken die ze met hem als kind had tot haar door. Van hem leerde ze wat het leven waardevol maakt, en hij voelde ook haar belangstelling voor kunst, met name voor de popartkunstenares Pauline Boty over wie ze haar afstudeerscriptie Kunstgeschiedenis heeft geschreven. Daarnaast kijken we mee met de surreële ijldromen van Daniel waarin tijd, ruimte, taal en natuur door elkaar heen spelen. De meest hilarische pagina’s zijn gewijd aan Elisabeths benadering van de alledaagse beslommeringen ( bij paspoort vernieuwing in postkantoor, commentaar op EU-paspoort, situaties bij de hekken met prikkeldraad om asielzoekers tegen te houden, … ) waarin Ali Smith met een grimmige ironie de kille politieke verhoudingen na de Brexit en de dolgedraaide bureaucratie aan de kaak stelt.

Joost de Vries in De Groene Amsterdammer over de auteur en de roman: ‘Wat maakt een roman politiek? De personages, het onderwerp? Moeten er parlementariërs voorbijkomen? Of is elk boek dat zich op een specifiek moment op een specifieke plek afspeelt per definitie politiek, omdat plekken en tijdstippen altijd door politiek geraakt worden? Ali Smith kondigde aan dat ze een cyclus van vier romans zou schrijven die over de Brexit zouden gaan en sinds dat moment probeert ze er enigszins onderuit te krabbelen. Tenminste, zo lijkt het. De Schotse Smith (1962) is een publiekslieveling, verkoopt goed, heeft meerdere keren de shortlist van de Booker Prize gehaald. De Britse media doken gretig op haar mededeling, zo zeer dat ze het sindsdien probeert te downplayen.

In een interview in The Paris Review […] legde ze uit hoe het zat: al twintig jaar liep ze rond met het idee een serie boeken te schrijven over ouder worden, lang te leven, terwijl de wereld om je heen steeds sneller verandert. In de aanloop naar het EU-referendum reisde ze door Noord- en Zuid-Engeland en stond ze versteld hoe anders daar over Europa werd gedacht en gesproken dan in Londen en Cambridge, waar ze woonde. Opeens voorvoelde ze dat Brexit de verandering was waartegen ze haar personages moest aftekenen. Dus nee, ze wilde geen roman schrijven over Boris Johnson en Theresa May, maar over verandering. Daarom zou ze haar romans vernoemen naar de seizoenen. ‘

Ook Tzum recensent Vincent Kortmann noemt het een roman over een Land in spagaat. Hij concludeert: ‘In een tijd waarin de balans wereldwijd zoek lijkt te zijn, heeft Ali Smith een boek geschreven dat volledig in evenwicht is. Ik ben benieuwd of het over tien of twintig jaar, als de impact van de Brexit duidelijk is geworden, nog steeds zo krachtig zal zijn, maar voor nu is het een voltreffer.’

Waaraan dankt Ali Smith haar succes?

‘Ik ken weinig schrijvers – bahalve Virginia Woolf en James Salter – die een verhaal zoveel vaart kunnen geven met alleen de vertelstem. (…) In een land dat met zichzelf overhoop ligt, is een schrijver meer waard dan een heel parlement.’ -The Financial Times

‘Smith heeft het boek in een enorm tempo geschreven, maar dat staat de stilistische bravoure en de geraffineerde structuur niet in de weg. De politiek heeft geen antwoord op het populisme, de literatuur met als woordvoerder Ali Smith misschien wel.’ – NRC Handelsblad

Herfst is een prachtige, aangrijpende symfonie van herinneringen, dromen en voorbijgaande werkelijkheden; de “eindeloze trieste kwetsbaarheid” van sterfelijke levens.’ – The Guardian

‘Herfst is het eerste deel in een kwartet van romans gebaseerd op de seizoenen; dit werk geïsoleerd beoordelen, zonder de context van Winter, Lente en Zomer, voelt daarom enigszins voorbarig. “Hier is een oud verhaal zo nieuw dat het nog volop bezig is”, zegt Smith halverwege de roman – en hetzelfde geldt voor de roman zelf. Uiteindelijk voelde deze roman voor mij als slechts een deel van het verhaal. Maar misschien is dat juist het punt; de herfst is slechts een deel van het jaar.’ – Times Literary Supplement

De Weerdse Kronkelwandeling: uitgelicht

Weerde – Dorpsplein
Koos Meindert op een infobord van De Witte Kinderbosfietsroute
De Weerdse Visvijver
Geef je oren de kost!
Onder de spoorwegbrug Brussel – Mechelen
Een wolkje, de zon en Japanse duizendknoop op mijn pad
De 13de eeuwse Sluistoren op de Zenne
Dorpsgezicht Weerde

Traject van de wandeling: De Weerdse Kronkel

Rode hibiscus


Langs het wandelpad 
rode hibiscusbloemen
  het genot van thee. 



Fülle und Nichts – David Steindl-Rast

Von innen her zum Leben erwachen

We zijn in staat ervaringen op te doen van vereniging met de “ultieme realiteit”. Broeder David wijst de weg om wakker te worden en aan te komen – in het hier en nu, want alleen hier en nu is overvloed. – tekst achterflap

David Steindl-Rast (° 1926 in Wenen)
verbindt de mystieke tradities van het christendom met zijn persoonlijke ervaringen met het zenboeddhisme. In de jaren zeventig richtte hij samen met rabbijnen, boeddhisten, hindoeïsten en soefi’s het “Centrum voor Spirituele Studies” op om de interreligieuze dialoog te bevorderen. Tegenwoordig woont hij in het Europese klooster Gut Aich in Oostenrijk.

Het boek is opgebouwd uit verschillende hoofstukken die bondig kunnen worden samengevat met een kernfragment uit elk hoofdstuk.

Leven en wakker zijn

‘Het feit dat je niet dood bent, is niet genoeg om te bewijzen dat je echt leeft. Levendigheid wordt gemeten door de mate van uw wakkerheid.”

Tekstfragmenten:

“Hiervoor is meer nodig. Het vereist moed, vooral de moed om de dood onder ogen te zien. Alleen iemand die nog kan leven kan sterven. In momenten van opperste levendigheid, zijn we verzoend met de dood. Diep in ons, vertelt ons iets dat we rijpen tot de dood, op het moment dat ons leven vervuld is. Het is de angst voor de dood die ons ervan weerhoudt om echt te leven.”

Verbazing en dankbaarheid

“Wakker worden met de verbazing dat we leven in een “bepaalde” wereld betekent tot leven komen. Het besef van deze verrassing is het begin van dankbaarheid.”

Tekstfragmenten:

“Onze ogen openen voor dit verrassende karakter van onze wereld op hetzelfde moment dat we wakker worden en stoppen met alles voor lief te nemen. Regenbogen hebben iets in zich waardoor we wakker worden. – Verveelde en saaie volwassenen worden opgewonden kinderen …. Als zoiets gebeurt, is onze spontane reactie een verrassing. Plato erkende die verrassing als het begin van alle filosofie. Het is ook het begin van dankbaarheid… Verrassing is niets meer dan het begin van die overvloed die we dankbaarheid noemen… In momenten van verbazing kunnen we in ieder geval snel kijken naar de vreugde waar dankbaarheid de deur voor ons opent.”

Hart en geest

“Met ons intellect kunnen we herkennen wat ons als een geschenk wordt gegeven. Maar alleen ons hart kan opstaan tot dankbaarheid en betekenis vinden.”

Tekstfragmenten:

“Dankbaarheid is een zinvol gebaar van het hart. Ons intellect, onze wil, onze gevoelens zijn allemaal betrokken als we dankbaar zijn … Dankbaarheid komt altijd uit mijn hele hart. De hele persoon is erbij betrokken. En dat is precies waar het symbool van het hart voor staat – voor de hele mens… Alleen in ons hart zijn we heel. Het hart vertegenwoordigt dat centrum van ons wezen, waar we één zijn met onszelf, één met alle anderen, één met God. Het hart is rusteloos voor zijn verlangen naar God en toch, diep van binnen is het altijd thuis bij God. Leven vanuit het hart is om volledig te proeven van dit verlangen en dit thuis. Samen betekenen de twee alleen leven in overvloed.”

Gebed en GEBEDEN

‘Het is niet het gebed dat telt, maar gebed, dat in zijn laatste volheid dankbaar leven betekent.’

Tekstfragmenten:

“Als wat God wordt genoemd moet worden genoemd ‘een bron van betekenis’ in de taal van religieuze ervaring, dan zijn die momenten die de dorst van het hart lessen momenten van gebed. Het zijn momenten waarop we met God communiceren, en dat is de essentie van gebed. Maar zijn we ons ervan bewust dat dit ‘het vinden van betekenis’ gebed is? In dit geval is het antwoord meestal ‘nee’. En vanuit dit oogpunt kunnen we niet aannemen dat iedereen weet wat gebed is … Wakkerheid en onbeperkte aandacht zijn de kenmerken van onze spontane momenten van gebed… Aandacht vereist concentratie. Concentratie is daarom een essentieel onderdeel van de collectie in gebed… De collectie bestaat uit twee delen. Concentratie is er maar één van. De andere staat voor een soort constante verrassing… Het woord collectie hier staat in tegenstelling tot afleiding en wijst op een restauratie van onze collectie, die we ooit bezaten en vervolgens verloren door verstrooidheid … Als we jonge kinderen in hun spel bekijken, zien we hoe naadloos ze concentratie combineren met verbazing… Het kind in ons leeft nog. En dit kind verliest nooit het vermogen om te zien met de ogen van het hart, concentratie te combineren met verwondering, en dus om te bidden zonder ophouden.”

Contemplatie en vrije tijd

“Voor ons allemaal (niet alleen voor zogenaamde contemplatieven), is contemplatie de vervulling van dankbaar leven. Contemplatie is echter de kunst van het leven in vrije tijd.”

Tekstfragmenten:

“Contemplatie brengt inzicht en actie samen. Contemplatie zet het inzicht in actie… Handelen zonder inzicht zou blind activisme zijn. Inzicht zonder actie zou dor inzicht blijven … Als we onszelf niet willen verliezen, moeten we onze ogen richten op de sterren en onze voeten op de grond houden. Dit betekent dat we allemaal contemplatief moeten zijn.” – “Het moet de deugd zijn van degenen die hun tijd nemen en elke taak zoveel tijd geven als hij verdient. Geven en nemen, spelen en werken, inzicht en aktie houden de balans in de vrijetijdsdans. Voor zover we vrije tijd in ons leven realiseren, putten we uit de volheid van het leven.”

Geloof: vertrouwen in de donor

“Dankbaarheid veronderstelt dat we vertrouwen op het leven dat ons gegeven is. Naast alle overtuigingen is het geloofsgebed het ‘leven van het Woord van God’.”

Tekstfragmenten:

“Geloof betekent niet in de eerste plaats ergens in geloven, maar eerder in iemand geloven. Geloof is vertrouwen. Vertrouwen vereist moed. Het tegenovergestelde van geloof is geen ongeloof, maar wantrouwen, angst. Angst komt tot uiting in het feit dat we ons vastklampen aan alles wat binnen ons bereik komt. Angst klampt zich zelfs vast aan overtuigingen. Het naleven van overtuigingen spreekt het ware geloof tegen. Wij geloven in God, niet in ons specifieke idee van God. Dit is de reden waarom mensen diep vertrouwen hebben in hun hart, ook als hun overtuigingen kunnen uiteenlopen … Geloof is de moed om dankbaar te zijn voor de gave van elke bepaalde situatie uit vertrouwen in de gever.’

Hoop: Openheid om te verrassen

“Dankbaarheid veronderstelt dat we onszelf open houden voor het leven als een verrassing. Voorbij al onze hoop is het gebed van hoop, inkeren in stilte.”

Tekstfragmenten:

“Er is een nauw verband tussen hoop en verwachting, maar we moeten de twee niet verwarren. Ons verwachtingsvol verlangen is gericht op iets wat we ons kunnen voorstellen. Onze hoop staat echter open voor het onvoorstelbare. Het tegenovergestelde van verwachting is hopeloosheid. Het voorgestelde werd niet bereikt. Het tegenovergestelde van hoop is wanhoop, vertwijfeling. Men kan vertwijfeld zijn en toch vasthouden aan hoop. En zelfs in hopeloze situaties blijft hoop open voor verrassing. Verrassing combineert hoop met dankbaarheid. Het dankbare hart vindt alles verrassend. Hoop betekent bereidheid om te verrassen.”

Liefde: EEN ‘Ja’ VOOR SAMENHORIGHEID

“Dankbaarheid veronderstelt dat we onvoorwaardelijk ‘ja’ zeggen tegen geven en nemen. Naast al onze aanterkkingskracht en afwijzing, is het gebed van de liefde is “contemplatio in actione” – contemplatief inzicht in het midden van actie.”

Tekstfragmenten:

“Als we vragen stellen over de kenmerken van de liefde die van toepassing zijn op elk van haar vormen, vinden we er ten minste twee: een bewustzijn van samenhorigheid en de oprechte aanvaarding van deze coëxistentie met alle gevolgen van dien. Deze twee kenmerken zijn typerend voor elke vorm van liefde, van de liefde van thuis tot de liefde van een huisdier, terwijl gepassioneerde aantrekkingskracht alleen typisch is voor verliefdheid. Liefde is een ‘ja’ uit de grond van mijn hart om bij elkaar te horen. Als we verliefd worden, is ons gevoel om bij elkaar te horen overweldigend, ons ‘ja’ spontaan en gezegend. Maar daarin ligt een uitdaging in het uitbreiden van het bereik van ons ‘ja’, het uitspreken ervan onder minder gunstige omstandigheden, en uiteindelijk zelfs met inbegrip van onze vijanden.”

Gordelen in Vilvoorde

Wie tussen maandag 31 augustus en zondag 6 september mee komt fietsen of wandelen, zal niet alleen sportief zijn, maar ook z’n ecologische steentje bijdragen. In ruil voor de deelnames aan de wandel- en fietstochten planten de Bûûmplanters en Natuur en Bos van de Vlaamse Overheid bomen in de Vlaamse Rand. Jij zorgt er met jouw deelname dus voor dat we ons binnenkort in een nog groenere Vlaamse Rand sportief kunnen uitleven! 

Wie zijn de Bûûmplanters? 

De Bûûmplanters zijn een groeiend burgercollectief dat sinds 2017 op een bescheiden maar duurzame manier een bijdrage levert aan de leefbaarheid, veerkracht en biodiversiteit. Zo maken ze samen de leefomgeving aangenamer en beter gewapend tegen de effecten van de klimaatverandering. Lees meer over de Bûûmplanters op www.buumplanters.be. – bron: gordelfestival 2020

Vandaag, terwijl de schoolgaande jeugd van Vilvoorde weer het klaslokaal opzocht, trok ik naar Domein Drie Fonteinen voor de 8 km wandeltocht van De Gordel. Een mooi traject door het Drie Fonteinenpark, langs het kanaal en door het Hanssenspark naar de Basiliek O.-L.-Vrouw van de Troost, over de Grote Markt en de brug over het kanaal Brussel – Schelde terug naar Drie Fonteinen. Een zeer afwisselende wandeling die langs hoekjes en plekjes van Vilvoorde trekt die de laatste jaren een ware metamorfose ondergaan hebben en ook echt groen zijn geworden. De wandeling was afgepijld maar voor alle zekerheid had ik toch de GPX gedownload van Routeyou. En dat bleek ook handig, want af en toe was het uitkijken om geen pijlen voorbij te lopen.

Uiteindelijk werd het een sportieve daguitstap want ik fietste naar Domein Drie Fonteinen en dat is heen en terug zowat 26 km. Ik voel me dus 😊 dat ik de Vlaamse Rand een beetje mee heb helpen vergroenen.

Wandeltraject: De Gordel 2020 – Vilvoorde 8 km.

%d bloggers liken dit: