Nur wenn … – Rumi

Nur wenn  der Mensch des Ausseren
beraubt wird wie der Winter,
besteht Hoffnung, dass sich ein
neuer Frühling in ihm entwickelt.

Rumi (1207 - 1273)

Democratie en de lege plaats van de macht – Dr. Tinneke Beeckman, schrijfster

Tinneke Beekmann, ons bekend als politiek commentator op vb. De Afspraak en als columniste bij De Standaard, loodste vandaag het UDLL-publiek door de evolutie van het begrip democratie en de uitdagingen, de gevaren, waarmee die democratie in het verleden maar ook vandaag nog te kampen heeft. Ze deed dat in een heldere uiteenzetting en vanuit een originele invalshoek.

Een sanevatting van de lezing

Democratie lijkt vandaag de dag vanzelfsprekend; dit politieke systeem impliceert de gelijkwaardigheid van alle mensen en geeft gelijke rechten voor burgers. Gelijk burgerschap krijgt een politieke vertaling vanaf de vroege moderniteit (16e, 17e eeuw) en de Verlichting. Met name de Amerikaanse Revolutie (1776) en de Franse revolutie (1789) zijn kantelmomenten.

Intussen zijn we ‘metafysisch democraat’ geworden, volgens de Franse denker Marcel Gauchet; als we naar de wereld kijken, veronderstellen we dat mensen gelijkwaardig zijn.

Metafysisch betekent hier dat we ons niet bewust zijn van dat perspectief; we staan er niet meer bij stil dat deze blik pas mogelijk is nadat het erfelijke of door God geïnspireerde recht op macht van de monarchie eigenlijk werd afgevoerd.

Metafysisch betekent hier dat we ons niet bewust zijn van dat perspectief; we staan er niet meer bij stil dat deze blik pas mogelijk is nadat het erfelijke of door God geïnspireerde recht op macht van de monarchie eigenlijk werd afgevoerd. Concreet zijn veel mensen natuurlijk niet gelijk op sociaal, economisch of ander vlak. Maar wat dit idee van ‘metafysisch democraat’ betekent is dit: niemand rechtvaardigt die bestaande ongelijkheid door naar een transcendente idee te verwijzen, naar een ongelijke wereld die conform de wetten van God (of een ander principe of kracht) zou zijn. Neen, ongelijkheid is alleen legitiem als ze het gevolg is van verdienste, bijvoorbeeld. In toenemende mate worden vormen van ongelijkheid als problematisch gezien, en opgevangen door bijzondere rechten. Dat geldt voor de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, tussen ouders en kinderen, tussen machtshebbers en burgers, tussen mensen met een bepaalde nationaliteit versus anderen, zelfs tussen mensen en dieren.

Een politieke leider (monarch, president, minister) beoefent de macht legitiem, zolang die op de steun van de bevolking is gebaseerd. Deze steun is per definitie tijdelijk (verkiezingen helpen om opvolgers aan te duiden).

Eigen aan de democratische gedachte is verder dat de plaats van de macht leeg is, zoals Claude Lefort het uitdrukt; wie het recht heeft om wetten uit te vaardigen en beleid uit te stippelen, ligt niet op voorhand vast. Een politieke leider (monarch, president, minister) beoefent de macht legitiem, zolang die op de steun van de bevolking is gebaseerd. Deze steun is per definitie tijdelijk (verkiezingen helpen om opvolgers aan te duiden).

De essentie van de politiek in de moderniteit is dan ook het conflict tussen tegengestelde stromingen (zoals Lefort en Machiavelli benadrukken).

Een democratie veronderstelt daarbij pluraliteit; burgers hebben verschillende visies, zowel op private als publieke kwesties. Ze hebben uiteenlopende politieke en religieuze of levensbeschouwelijke opvattingen. De essentie van de politiek in de moderniteit is dan ook het conflict tussen tegengestelde stromingen (zoals Lefort en Machiavelli benadrukken).

Vrijheid is alleen mogelijk wanneer die verschillende posities en verlangens ook aan bod kunnen komen, en deel uitmaken van de instellingen en machtsstructuren in een samenleving.

De twintigste eeuw heeft enkele dieptepunten gekend (populisme, totalitarisme). Die gevaren zijn nooit helemaal geweken.

Met de leegte van de macht en de politiek als conflict, ontstaan nieuwe gevaren; nieuwe ontsporingen van de democratie zijn mogelijk. De twintigste eeuw heeft enkele dieptepunten gekend (populisme, totalitarisme). Die gevaren zijn nooit helemaal geweken.

Enkele aspecten van de democratie en de leegte van de macht verdienen bijzondere aandacht, zoals de evolutie van macht doorheen de tijd; de fundering van de autoriteit (waarom zou je iemands hogere positie nog aanvaarden, als iedereen gelijk is? Hoe legitimeer je die autoriteit? En kan een samenleving zonder autoriteit?); het belang van een vrije publieke ruimte waar burgers de onderlinge verschillen kunnen uitdrukken en beleven, en de politieke deugden die de vrijheid garanderen.

In deze lezing kwamen dus de democratie, maar ook haar mogelijke ontsporingen uitgebreid aan bod, met filosofische grondslagen (onder meer van Machiavelli, Arendt, Lefort en Gauchet), en met concrete voorbeelden.

Bibliografie

Hannah Arendt (1980), The origins of Totalitarianism, Penguin Books

Arendt, Hannah (1959), Between Past and Future. Eight exercises in political thought, New York, The Viking Press.

Claude Lefort (1972), Le travail de l’œuvre Machiavel, Parijs, Gallimard.

Gauchet, Marcel (2018), Robespierre. L’homme qui nous divise le plus, Parijs, Gallimard.

Tinneke Beeckman (2020), Machiavelli’s Lef. Levensfilosofie voor de vrije mens, Boom, Amsterdam. Hypatia – prijs, 2022

Dr. Tinneke Beeckman (1976) studeerde filosofie aan de VUB en de ULB.

Ze werkte jarenlang als aspirant en als postdoctoraal onderzoeker (FWO) aan de VUB.

Sinds 2012 is ze schrijfster. In hetzelfde jaar publiceerde ze ‘Door Spinoza’s Lens’ (Pelckmans), in 2015 volgde ‘Macht en Onmacht. Een verkenning van de hedendaagse aanslag op de Verlichting’ (De Bezige Bij) en in 2020 ‘Machiavelli’s Lef. Levensfilosofie voor de vrije mens’ (Boom). Voor haar boek over Machiavelli kreeg ze de Hypatiaprijs (2022).

Ze is columnist voor De Standaard en geeft regelmatig filosofische en politieke analyses in de media.

Met dank aan Tinneke Beeckman en UDLL

Diep in onszelf – Vaclav Havel

foto: frie peeters
Diep in onszelf dragen wij de hoop.
Is ze niet daar, dan is ze nergens.

Hoop is een bewustzijn
en staat of valt niet met wat er in de wereld gebeurt.

Hopen is voorspellen noch voorzien.

Hoop zit ons in de ziel, in het hart gegrift,
ligt voor anker voorbij de horizon.

Hopen,
in deze diepe en krachtige betekenis,
is anders dan blij zijn om wat goed gaat
of je graag inzetten voor wat zeker succes heeft.

Hoop is de kunst om ergens aan te werken omdat het goed is,
niet alleen omdat het kans van slagen heeft.

Hoop is niet optimisme,
niet de overtuiging dat iets goed zal aflopen.

Hopen is zeker weten dat iets zinvol is,
ongeacht de afloop.


Vaclav Havel


Erasmusprijs, 1986
Light of  Truth award, 2004

Doet de James Webb Space Telescope wat van hem wordt verwacht? – Prof. Christoffel Waelkens – KU Leuven Faculteit Wetenschappen, Afdeling Sterrenkunde

Wetenschappelijke doelstelling en eerste resultaten van een mega-project

In een uiterst boeiende, erudiete en fascinerende uiteenzetting overtuigde prof. Christoffel Waelkens er zijn publiek van dat Sterrenkunde ons in een zeer ver universumverleden of beter in een jonge tijd van dat universumverleden laat kijken en dat het aandeel van de James Webb Space Telescope daarbij niet zo klein en zeker niet nutteloos is.

wikimedia

Het kan niemand ontgaan zijn dat sinds korte tijd één van de grootste (en duurste) sterrenkundige projecten operationeel is: de ‘James Webb Space Telescope’ (JWST), de ambitieuze opvolger van de al even befaamde Hubble Ruimtetelescoop. De JWST werd succesvol gelanceerd op Kerstmis 2021, had zowat een maand nodig om zijn plaats in de ruimte in te nemen en werd nadien uitvoerig getest. In juli werden de verschillende complexe instrumenten dan het ene na het andere ‘klaar voor de wetenschap’ verklaard, en sindsdien is er inderdaad begonnen met het exploiteren van de enorme mogelijkheden die het project biedt om heel spannende problemen op te lossen. En wellicht gedurende een tiental jaren!

Wat is een telescoop?

Een telescoop is in essentie een grote spiegel (of lens) die veel licht verzamelt in en rond eenzelfde brandpunt, waar instrumenten de signalen omzetten in beelden of het licht opdelen volgens golflengte, om zodoende de fysische eigenschappen van de bron te bestuderen. Onze ooglens heeft in het donker een diameter van zowat zes millimeter, de spiegel van de JWST meet 6 meter. In een zelfde tijd vangt hij dus een miljoen maal meer licht, en kan hij dus een miljoen maal zwakkere objecten zien. Bovendien kunnen we de belichtingstijd van de instrumenten aanpassen, en zo nog veel zwakkere objecten waarnemen.

Op het aardoppervlak (en misschien ooit op de Maan?) kunnen we nog grotere telescopen bouwen. Het project van de ‘Extremely Large Telescope’ van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht in Chili bouwt (tegen 2027 zowat) aan een telescoop met een spiegel van 39 m! Aardse telescopen hebben ook het voordeel dat ze beter bereikbaar en daardoor flexibeler zijn: een instrument moet niet vanaf de eerste dag onfeilbaar zijn, en kan ook verbeterd worden indien er nieuwe technologieën ontwikkeld zijn. Een ruimte-instrument boogt altijd op de technologie van 10 jaar geleden, en dat er niets mag mislopen, impliceert een substantieel hogere prijs.

Waarom naar de ruimte?

Als we een telescoop in de ruimte sturen, is dat niet om dichter bij de sterren te zijn zoals men soms denkt. Objecten in ons eigen zonnestelsel kunnen we inderdaad bezoeken, maar dat is niet meer dan onze achtertuin. Het comparatieve voordeel van een telescoop in de ruimte, is dat hij relatief weinig storing ondervindt van de aardse atmosfeer. Vele signalen die de hemellichamen ons zenden, komen er gewoon niet door. De straling met de hoogste energieën (gamma- en X-stralen, verre ultraviolet) wordt (gelukkig maar) volledig geabsorbeerd door de atmosfeer; om de hoogenergetische kosmos te verkennen, is de ruimtesterrenkunde dus essentieel. Maar ook bij de golflengtes die vanop Aarde toegankelijk zijn, kan iets meer van boven de atmosfeer: de beelden, die hier onderhevig zijn aan weer en wind, zijn scherper in de ruimte, en de achtergrond is donkerder. En dat laatste is heel belangrijk om de zwakste en de verste objecten uit het heelal te vinden.

De basisdoelstelling van de JWST was dan ook in eerste instantie de detectie en de studie van ‘First Light’, de manifestatie van de eerste structuren die ontstonden uit de vrij vormeloze oersoep van de oerknal.

Met de Hubble-telescoop is de verkenning van de verste gebieden in het heelal buiten verwachting gevorderd, en dat is nuttig, want verder kijken betekent langer in het verleden kijken. Dank zij de Hubble en andere projecten zoals de ESA-satelliet Herschel en de (sub)mm-telescopen in de hooglanden van de Atacamawoestijn in Chili, hebben we nu al een vrij goed beeld van de laatste twee derden van de geschiedenis van het heelal, en dat is dus al een heel eind in het verleden! Zo is onder meer gebleken dat toen het heelal een derde van haar huidige ouderdom had, de sterrenstelsels gemiddeld wel een tiental maal helderder waren dan vandaag, en het is mede daardoor dat we zo ver in het verleden kunnen kijken. Maar vóór die onstuimige adolescentie was er ook de kindertijd, waarin sterrenstelsels werden gevormd. Nog verder dus, maar ook intrinsiek zwakker dan hun meer nabije opvolgers, en dus enkel waarneembaar met een grotere telescoop, uitgerust met nog gevoeligere instrumenten. De basisdoelstelling van de JWST was dan ook in eerste instantie de detectie en de studie van ‘First Light’, de manifestatie van de eerste structuren die ontstonden uit de vrij vormeloze oersoep van de oerknal.

Een telescoop voor infrarood licht

Door de uitdijing van het heelal wordt het licht van de verste sterrenstelsels zogenaamd rood verschoven, we zien het bij langere golflengten naarmate de stelsels verder staan. Vandaar dat het infrarode gebied van het elektromagnetische spectrum aangewezen is om het verre heelal te bestuderen, en ook daar is onze atmosfeer een stoorzender. De JWST kijkt dus naar iets langere golflengten dan Hubble, ook al omdat de verbetering van de technieken op aardse telescopen ook hier voor steeds scherpere beelden zorgt in zichtbaar licht.

Electromagnetisch spectrum JWST

Maar ook om de wereld dichter bij ons te bestuderen, is infrarood licht interessant. Waar warme objecten als sterren typisch zichtbaar licht produceren, en het hoge-energie heelal zich bij nog kortere golflengten manifesteert, is het infrarood het gebied van objecten bij kamertemperatuur. Dat is het domein van de gas- en stofwolken waaruit in onze omgeving sterren geboren worden, en die processen willen we ook beter begrijpen. Maar het is ook het ideale stukje spectrum om planeten, in ons zonnestelsel maar ook rond andere sterren, te bestuderen. En het moet nu lukken dat de 30 jaren die nodig zijn geweest om de JWST te laten groeien van concept naar realiteit, ook deze zijn geweest waarin de sterrenkunde een nieuwe revolutie heeft gekend, met de ontdekking eindelijk van vele planeten bij andere sterren, en de vele verrassingen die aantonen dat de exoplanetenwereld veel en veel diverser is dan we hadden geanticipeerd. Toen bleek dat de instrumenten ontwikkeld voor de JWST zich ook uitstekend leenden tot de studie van exoplaneten, is deze laatste de tweede grote pijler geworden waarop het programma steunt.

NASA en ESA

De James Webb Telescoop is in eerste instantie een NASA-project, maar met een aanzienlijke inbreng van het Europese Ruimteagentschap ESA, en ook een bijdrage van het Canadese agentschap CSA. En het mag gezegd dat de Europese bijdrage de kwaliteit van de missie ten goede komt! We mogen er trots op zijn dat de NASA haar vertrouwen heeft gegeven aan Europa om dit vlaggenschip met een Ariane te lanceren. Ze beklagen het zich vandaag niet, want dank zij de nagenoeg feilloze sturing van de missie naar haar verre positie is er zoveel brandstof bespaard dat de verwachte levensduur van de missie zowat verdubbeld is, tot 10 jaar. Die verre positie is in de buurt van het zogenaamde Lagrangepunt L2, een positie op de lijn Zon-Aarde, maar wegkijkend van beide, waar de combinatie van aantrekkingen en baanbeweging voor een vaste configuratie zorgen. Op die manier kan de telescoop permanent wegkijken van Aarde en Zon en lange opnames maken en is de communicatie ermee heel vlot. Belangrijker nog is dat hij door een gigantisch scherm van de warmte van Zon en Aarde wordt afgeschermd en dat zo de spiegel passief kan koelen tot een 50-tal graden boven het absolute nulpunt. Dat is nodig om de infrarode straling van de kosmos te onderscheiden van de warmtestraling van de telescoop zelf!

Het nadeel van die verre baan is dat het uitgesloten is om – zoals bij de Hubble – bezoeken te brengen aan de telescoop om één en ander bij te stellen. De instrumenten met het vluchtige vloeibaar helium koelen tot dicht bij het absolute nulpunt is dan geen goede optie meer. Eén van de kritische ontwikkelingen was dan ook deze van een actief koelsysteem voor het ‘meest’ infrarode instrument MIRI, één van de oorzaken trouwens van het herhaalde uitstel van de lancering. Dit instrument is half NASA half ESA, met een aanzienlijke bijdrage van ons land. De twee voornaamste andere instrumenten zijn de camera NIRCAM (NASA) en de spectrograaf NIRSPEC (ESA), beide voor het nabije infrarood.

Het werkt!

Het goede nieuws is inderdaad dat de telescoop en de instrumenten ruimschoots de verwachtingen inlossen. De beelden zijn ongemeen scherp, de gevoeligheid is zelfs beter dan verwacht, en de complexe mechanismen functioneren zoals het hoort! In de huidige fase is er nog een leerproces om de omzetting van instrumentele impulsen naar kwantitatieve wetenschappelijke resultaten te verfijnen, maar de huidige algoritmen geven al mooie resultaten, en het kan alleen maar beter worden.

The Pillars of Creation – 19th October 2022

De NASA heeft ervoor gekozen om de gegevens van de eerste zes maanden onmiddellijk publiek toegankelijk te maken, vanuit de overweging dat iedereen recht heeft om toegang te hebben tot de vruchten van een aanzienlijke investering van overheidsmiddelen. Maar tevens omdat een open competitie bevorderlijk is om zoveel mogelijk creativiteit in te zetten om de data-analyse te verfijnen. Er is dan ook een hectische activiteit van astronomen wereldwijd om met de gegevens van de JWST aan de slag te gaan. Dat geeft aanleiding tot een enigszins chaotische stroom van ‘eerste artikels’ op het web, die zo al gepubliceerd worden vooraleer ze een grondige ‘peer review’ hebben ondergaan. Zo gaat het met evolutie en innovatie, uiteindelijk zal blijken dat de ‘fittest’ overleeft!

Hoe dan ook, alles wijst erop dat de telescoop geschikt is om de vragen die hij moet oplossen, aan te pakken, en ook dat er zoals met de Hubble vele nieuwe wegen voor onderzoek zullen worden gesuggereerd. Zowat elke week wordt dit geïllustreerd met nieuwe persberichten, die u kan vinden op websites zoals https://esawebb.org/news/

Hoge verwachtingen

Het beste nieuws tot dusver is dan misschien wel dat de verwachte levensduur van de telescoop naar boven werd bijgesteld. De positie in het Lagrangepunt L2 heeft vele voordelen, maar wel het nadeel dat het niet erg realistisch is om – op een afstand van anderhalf miljoen kilometer – een bemande ruimtemissie te organiseren om een en ander bij te stellen. In die tien jaar waar we naar uitzien, zal er ruimschoots de tijd zijn – als alles blijft functioneren uiteraard – om statistisch gesproken voldoende gegevens te bekomen om de initiële doelstellingen te halen. Maar ook om vanuit de resultaten nieuwe ideeën die door het verwachte onverwachte worden aangediend, te toetsen.

Het belangrijkste voordeel van de langere dan verwachte JWST-missie is echter wellicht dat er op die manier enige overlap zal zijn met andere grote projecten die nu in ontwikkeling zijn. We vermeldden eerder de ‘Extremely Large Telescope’ van de ESO. Die heeft het comparatieve voordeel van een nog veel groter spiegeloppervlak, maar moet opereren met een minder donkere hemel dan in de ruimte: het is de JWST die de zwakke objecten zal detecteren waarmee de ELT de volgende stap kan zetten. Wanneer de ELT in 2027 (?) afgewerkt zal zijn, zal er nog voldoende tijd zijn om beide projecten te coördineren. Hetzelfde geldt voor andere monsterprojecten in ontwikkeling, zoals de ‘Square Kilometer Array’, een gigantische combinatie van radiotelescopen, de ‘Einstein Telescoop’’, die met grotere gevoeligheid de gravitationele straling van extreem compacte objecten zal detecteren, de neutrino-telescoop ICECUBE op de Zuidpool, en ook de ‘Cherenkov Telescope Array’, die hoogenergetische straling zal detecteren door de deeltjesstromen die ze veroorzaakt in onze atmosfeer.

Het JWST-project heeft, van concept tot verwezenlijking, een generatie in beslag genomen. Het is een generatie – waartoe schrijver dezes trouwens behoort – die heeft mogen genieten van een ongekende evolutie inzake sterrenkundige instrumentatie. Maar met de JWST, en die andere projecten, laten we voor een volgende generatie de mogelijkheden na om nieuwe stappen te zetten in die fascinerende geschiedenis van de oudste wetenschap. En dat geldt ook voor ambitieuze Vlamingen, want we zijn betrokken in al deze projecten.

WAELKENS, Christoffel Leo Louis Maria, geboren te Ardooie, 20 februari 1955

Studies: Grieks-Latijse humaniora, Sint-Lodewijkscollege, Brugge -Voorbereidend jaar Wiskunde, Sint-Amandusinstituut, Gent, 1972-73 -Kandidaat Wis- en Natuurkunde, KULAK, 1975 -Bijzonder Baccalaureaat Wijsbegeerte, KU Leuven, 1976 – Licentiaat Natuurkunde, KU Leuven, 1977 -Doctor in de Wetenschappen, KU Leuven, 1984

Carrière sinds het doctoraat

Aangesteld Navorser NFWO: 1984-1986 – Bevoegdverklaard Navorser NFWO en Buitengewoon Docent KU Leuven: 1986-1990 -(Hoofd)docent KU Leuven: 1990-1992 – Hoogleraar KU Leuven: 1992-1996 – Gewoon Hoogleraar KU Leuven 1996 – 2020 – Emeritus Hoogleraar (met opdracht) sinds 2020

Onderzoeksdomeinen

Astrofysica (studie van de structuur en evolutie van sterren), ruimteonderzoek

Wetenschappelijke dienstverlening

Europese Zuidelijke Sterrenwacht ESO

Lid (1995-2000) en Voorzitter (1997-2000) van het Observing Programmes Comittee

Belgisch afgevaardigde (2007-2020) in de ESO Council

Europees Ruimteagentschap ESA

Lid (1991 – 2008) van de Belgische Delegatie in het Science Programme Committee

KU Leuven

Afdelingshoofd van het Instituut voor Sterrenkunde van 1996 tot 2011

Programmadirecteur ‘Sterrenkunde’ en ‘Space Studies’

Functies in wetenschappelijke projecten

Co-Principal-Investigator van het PACS project voor de ESA-ruimtemissie Herschel

Lid van het Herschel Science Team

Lid van het MIRI Science Team voor de NASA-ESA James Webb Space Telescope

Instigator en internationaal vertegenwoordiger van de Vlaamse Mercatortelescoop op het eiland La Palma

Publicaties

Een honderdtachtigtal artikels in internationale tijdschriften, een negentigtal bijdragen in proceedings van internationale conferenties, een twintigtal publicaties voor een breder publiek, waaronder twee boeken (De kode van de kosmos, Lannoo, 1996; De wetenschap van de kosmos, Acco, 2007).

Hobby

Sterrenkunde

Met dank aan prof. Waelkens en UDLL

Doorbraak

foto: frie peeters – 17 oktober 2022
Der Mensch soll nicht die Dinge fliehen und sich in eine Einöde begeben,
sondern er muss lernen, durch die Dinge hindurchzubrechen
und seinen Gott darinnen zu ergreifen.

Meister Eckhart (1260 -1328)
De mens moet de zaken niet ontvluchten en een woestenij binnengaan, 
maar hij moet leren, door de zaken heen te breken
en vanbinnen zijn God te vinden.

Meester Eckhart (1260 -1328)

AMERIKANEN… en hoe ze hun droom de nek omdraaiden – dhr. Steven De Foer – journalist

Met aplomb en scherpzinnigheid, gaf Steven De Foer, weekbladredacteur bij de krant De Standaard en Expert Amerika op de Buitenlandredactie van dezelfde krant, een lezing over de penibele situatie waarin de VS zich de laatste jaren gewerkt hebben: ze hebben niet slechts hun droom verknald maar hem regelrecht de nek omgedraaid, zo stelt hij. De Midterm-verkiezingen toonden echter dat de democratische reflex van de Amerikanen niet is verdwenen, al weet je nooit.

Korte inhoud van het boek

Het machtigste land ter wereld worstelt met onoverbrugbare conflicten, grote ongelijkheid en maatschappelijke achteruitgang. In Amerikanen. Het had zo mooi kunnen zijn schetst Amerikakenner Steven De Foer een even treffend als ontluisterend beeld van een uitverkoren natie. Een scherp zicht op de Amerikaanse malaise is noodzakelijk om onze eigen toekomst te vrijwaren. De Foer beschrijft concreet hoe pure gulzigheid – naar eten, geld, macht, vertier – de Verenigde Staten mooi maar meedogenloos maakte, en veel Amerikanen gefrustreerd liet over de grote onvervulde beloften. – Pelckmans, 2020

Schema van de lezing

INLEIDING : Hoe een ontmoeting met een reddingswerker aan Ground Zero, 20 september 2001, tot misplaatst optimisme leidde over de toekomst van de VS.

GEZOND VERSTAND – de mooie principes van Thomas Paine’s Common Sense bij de revolutie van 1776

IEDEREEN GELIJKE KANSEN ?

  • De nooit erkende genocide op Native Americans
  • Slavernij, segregatie, Black Lives Matter: de nooit gedichte kloof
  • Latino’s: hoe een immigrantenland altijd tegen immigranten is geweest

DE TROEVEN VAN DE VS

  • ik wil de grootste hebben, de snelste zijn’
  • gelukkige Amerikanen – het land van Doris Day
  • het verval: hoe The American Dream op zijn kop gedraaid werd, en het geluk verdween

ACHT WERVEN

1. Onderwijs: een vicieuze cirkel van ongelijkheid

2. Media: waar is Walter Cronkite gebleven?

3. Wapengekte: van kwaad naar erger

4. Religie: de scheiding van kerk en staat onder druk

5. Corruptie: hoe de grootste krokodil het moeras wel eens zou dempen

6. Machtsmisbruik: de gevaarlijke macht van een niet representatief Hooggerechtshof

7. De democratie zelf in gevaar: tweede couppoging door de Republikeinse partij

8. De VS internationaal: de troon is leeg

NA DE MIDTERM-VERKIEZINGEN: WAT KAN DE REGERING BIDEN NOG DOEN? Voorzichtige hoop met betrekking tot de slagvaardigheid van Joe Biden de komende paar jaren. Veel ongewisheid: ontstaat er vijandschap binnen de Republikeinen tussen Donald Trump, die vandaag aankondigde dat hij opnieuw kandideert voor het presidentschap, en Ron DeSantis? Welke nieuwe, mogelijke (bekende?) kandidaten staan er bij de Democraten klaar na Joe Biden? Kortom: we kunnen de politieke en maatschappelijke gebeurtenissen in de VS maar beter nauwgezet in de gaten houden om onze eigen toekomst te beschermen.

Studies
Sint-Jan Berchmanscollege Merksem (1971-1983)
Licentiaat rechten, Antwerpen en Leuven (1989)

Geboren Merksem op 28 augustus 1965
Getrouwd met Annik, lerares Nederlands aan anderstalige volwassenen
Drie kinderen: Jef (advocaat), Julie (arts) en Marie (docente Nederlands aan de universiteit van Minneapolis)

Beroepscarrière
1989-1990: Bank Brussel Lambert
1990-1993: Rechtbankverslaggever voor Het Nieuwsblad
1993-1997: Binnenlandredacteur De Standaard
1997-2000: Correspondent in Nederland
2000-2002: Chef reporters
2002-2008: Filmcriticus
Sinds 2008: Buitenlandspecialist, met accent op de VS, en weekbladredacteur

Boeken: ‘Onder Hollanders’ (Balans / Van Halewyck, 2001) ‘Hollywood Boulevard’ (Polis, 2016)‘Amerikanen. Het had zo mooi kunnen zijn.’ (Polis, 2020)

TV en radio
Geregeld te horen en zien op Radio 1 (Interne Keuken, Nieuwe feiten), VRT (De zevende dag, De afspraak), Radio 1 Nederland (Nieuwsshow)

Gastdocent (Leuven, Gent, Antwerpen, Brussel, Amsterdam)

Naar een lichaamseigen vaccin tegen kanker – Prof. Damya Laoui – Vrije Universiteit Brussel, Labo Cellulaire en Moleculaire Immunologie

In deze lezing werd een complexe materie bijzonder bevattelijk en boeiend uiteengezet. De dendritische celvaccinatie van kankertumoren die al in de eerste klinische fase van zijn ontwikkeling zit, brengt een boodschap van hoop voor de toekomst al kost de toepssing ervan immens veel. Prof. Laoui verklaarde ook waarom het zo duur is en erkende meteen ook de problematiek daarvan. Kom op tegen Kanker is naast anderen sponsor van haar onderzoeksteam.

In België wordt jaarlijks bij ongeveer 70 000 patiënten kanker vastgesteld. De overlevingskansen van deze patiënten zijn de afgelopen jaren geleidelijk verbeterd, hoewel helaas elk jaar nog steeds meer dan 25 000 patiënten aan kanker overlijden . Het is duidelijk dat de huidige behandelingen niet krachtig genoeg zijn. Zo zullen zelfs patiënten die in een relatief vroeg stadium zonder uitzaaiingen een operatie ondergaan om de tumor te verwijderen, nog steeds uitzaaiingen ontwikkelen in tot 60% van de gevallen. Dit hangt als een zwaard van Damocles boven het hoofd van deze patiënten. Omdat het moeilijk te voorspellen is bij welke patiënten de primaire tumor naar andere organen zal uitzaaien, worden patiënten vaak ook met chemotherapie behandeld, ondanks het feit dat niet al deze patiënten hervallen. Bijgevolg worden ook veel patiënten “overbehandeld” met therapieën met zware nevenwerkingen.

Er is een dringende medische nood om nieuwe behandelingen te ontwikkelen tegen deze fenomenen, waarbij resistentiemechanismen worden vermeden.

Ongeveer 90% van de overlijdens veroorzaakt door kanker zijn het gevolg van kanker herval of de ontwikkeling van uitzaaiingen naar andere organen. Bijgevolg is er een dringende medische nood om nieuwe behandelingen te ontwikkelen tegen deze fenomenen, waarbij resistentiemechanismen worden vermeden. In dit opzicht is het de laatste jaren uit recent kankeronderzoek duidelijk geworden dat het gebruik van het eigen afweersysteem van de patiënt een zeer aantrekkelijke benadering blijkt te zijn in de bestrijding van kanker. Belangrijk in deze context is dat tumoren dienen beschouwd te worden als orgaanachtige structuren, waarin een complexe bi-directionele interactie bestaat tussen getransformeerde kankercellen en niet-getransformeerde cellen, resulterend in tumorgroei en uitzaaiingen. Tot de niet-getransformeerde cellen behoren de cellen van ons immuunsysteem.

DCs zijn gespecialiseerd in het herkennen van “vreemde indringers” die ons lichaam binnentreden.

Belangrijke spelers in het afweersysteem zijn de ‘dendritische cellen’ (DCs) die cruciaal zijn voor de ontwikkeling van een krachtige anti-tumor immuunrespons die uiteindelijk resulteert in het doden van de kankercellen. DCs zijn gespecialiseerd in het herkennen van “vreemde indringers” die ons lichaam binnentreden. Wanneer een normale cel door allerlei mutaties omgevormd wordt tot een kankercel, zal deze specifieke moleculen op zijn oppervlak uitdrukken; deze worden ook wel tumor-antigenen genoemd. De dendritische cel zal deze kankercellen daardoor ook als “vreemd” herkennen, de antigenen opnemen en presenteren aan ’T cellen’ (=de soldaten) om deze te activeren, vandaar dat ook de naam antigeen-presenterende cel (APC) vaak gebruikt wordt voor dendritische cellen. Indien de DC een tumor-antigeen aan een T cel presenteert, zal deze laatste geactiveerd worden om specifiek de kankercellen die dit antigeen dragen te vernietigen. Hierna kunnen andere cellen van ons immuunsysteem, de ‘macrofagen’ weefseldebris gaan opruimen en het weefsel gaan herstellen. Spijtig genoeg gaan deze verschillende cellen niet altijd beantwoorden aan de verwachtingen.

Het onderzoek van mijn team toonde aan dat tumoren verschillende subpopulaties macrofagen en dendritische cellen bevatten met uiteenlopende pro- of antitumorale eigenschappen. Zo worden macrofagen, eens ze in een tumor komen, veelal corrupt en gaan ze bijdragen tot tumorgroei, uitzaaiingen en resistenties tegen chemotherapie en bepaalde immuuntherapieën. Wat de dendritische cellen betreft, deze zijn ook heterogeen en enkel een minderheid zal in staat zijn de kankercellen te herkennen en T-cellen op te wekken.

Het is ons gelukt om de verworden fundamentele kennis zodanig te gebruiken om een nanobody-construct (een soort radioactief antilichaam) te ontwikkelen om de pro-tumorale ‘slechte’ macrofagen in tumoren van muizen en patiënten op een niet-invasieve wijze te kwantificeren. Hierbij kan men voorspellen welke patiënten al dan niet resistent zullen zijn aan bepaalde therapieën.

Het eerste doel van mijn onderzoek was om de functionele heterogeniteit van macrofagen en dendritische cellen in kanker te ontrafelen en te begrijpen waarom bepaalde subpopulaties pro-of antitumoraal worden in de tumoromgeving. Hierbij is het ons gelukt om de verworden fundamentele kennis zodanig te gebruiken om een nanobody-construct (een soort radioactief antilichaam) te ontwikkelen om de pro-tumorale ‘slechte’ macrofagen in tumoren van muizen en patiënten op een niet-invasieve wijze te kwantificeren. Hierbij kan men voorspellen welke patiënten al dan niet resistent zullen zijn aan bepaalde therapieën. Daarnaast hebben we methodes gevalideerd om pro-tumorale ‘slechte’ macrofagen om te switchen naar anti-tumorale ‘goede’ macrofagen, met een vertraging van de tumorgroei tot gevolg. We zijn nu aan het onderzoeken voor welke type kankers deze immuuntherapie de meeste voordelen kan opleveren en met welke andere therapieën deze best worden gecombineerd.

Ons doel is nu om deze nieuwe therapie van het labo naar de kliniek te vertalen.

Wat de dendritische cellen betreft, hebben we een methode ontwikkeld om de ‘goede’ dendritische cellen uit tumoren te kunnen isoleren en deze in te zetten als lichaamseigen vaccin om muizen tegen kankerherval en uitzaaiingen te beschermen. Ons doel is nu om deze nieuwe therapie van het labo naar de kliniek te vertalen. Hierbij zouden therapeutisch relevante dendritische cellen uit een tumor van een patiënt die chirurgisch wordt, uit deze tumor kunnen worden geïsoleerd en zou deze patiënt dan met zijn eigen cellen weer kunnen worden behandeld om uitzaaiingen en herval tegen te gaan.

Daarnaast focust mijn team ook op immuuntherapieën die ‘de goede’ dendritische cellen verder kunnen activeren in tumoren en ervoor kunnen zorgen dat meer dendritische cellen uit het beenmerg naar de tumor worden aangetrokken. Door gebruik te maken van nieuwe technologieën zoals single-cell RNA-sequencing en spatial transcriptomics wordt het ons mogelijk om van elke cel die zich in een tumor bevindt na te gaan op welke manier deze cel geactiveerd wordt, wat de functies van deze cel exact zijn, met welke andere cellen deze communiceert en door welke cellen deze wordt onderdrukt. Via deze technologieën kunnen we begrijpen waarom bepaalde patiënten niet reageren op bepaalde therapieën, welke resistentie mechanismen er ontstaan en welke combinatietherapieën deze resistenties kunnen tegengaan. Met deze kennis zouden we in de toekomst voor elke patiënt een efficiënte therapie-op-maat kunnen ontwikkelen waarbij resistentiemechanismen worden vermeden.

Damya Laoui, ir PhD

Research Professor, Cellular and Molecular Immunology, Vrije Universiteit Brussel, Brussels, Belgium

Team leader Tumor-Immunology, Lab of Myeloid Cell Immunology, VIB, Brussels, Belgium

Damya Laoui is bio-ingenieur en deed haar doctoraat aan de Vrije Universiteit Brussel, onder promotorschap van Prof. Patrick De Baetselier. Ze voerde er fundamenteel onderzoek uit en trachtte mechanismen te begrijpen waarmee bepaalde immuuncellen kankerprogressie kunnen beïnvloeden.

Ze focuste op de heterogeniteit van zogenaamde macrofagen en onderzocht welke soorten macrofagen aanwezig zijn en hoe zuurstofgehaltes in tumoren de functie van macrofagen kunnen beïnvloeden.

Haar post-doctoraat spendeerde ze in het labo van Michele De Palma in het ISREC Instituut in de Ecole Polytechnique de Lausanne, Zwitserland, waar ze therapieën gericht naar macrofagen onderzocht, al dan niet in combinatie met andere immuuntherapieën.

Na haar terugkeer in Brussel, werd Damya onderzoeksprofessor in het labo cellulaire en moleculaire immunologie aan de VUB en het vlaams instituut voor biotechnologie (VIB) in het departement van Jo Van Ginderachter.

Haar team tracht de moleculen die bepaalde immuuncellen produceren of de cellen zelf te gebruiken als basis voor de ontwikkeling van nieuwe immuuntherapieën tegen kanker. Zo ontwikkelde Damya’s team een anti-kankervaccin gebaseerd op lichaamseigen tumor-afgeleide cellen. Voor dit werk kreeg ze een Dunia Award, de MIT Innovator under 35 Europe Award 2017, werd ze New Scientist wetenschapstalent 2018 en kreeg ze in 2020 de Collen-Francqui startersbeurs.

Verder tracht ze vrouwelijke wetenschappers in spe te helpen de nodige moed te vinden om hoogwaardige wetenschappelijke carrières op te starten en uit te bouwen in STEM richtingen. Sinds 2018 is ze lid van de Jonge academie van België en is ze vooral betrokken bij wetenschapscommunicatie en “gender in academia”.

Zie ook: EOS – Gezondheid -Kankervaccin op maat – 18/04/2018

%d bloggers liken dit: