Oma volgt …

Een weekje babysitten bij mijn jongste kleinkind ving aan met (een essentiële!) treinreis met de DB (Deutsche Bahn) via Luik-Guillemins over Köln naar Braunschweig, Hannover en Berlin Ostbahnhof richting Märkisch-Oderland in Brandenburg; een lange tien uren durende reis wegens vertragingen en storingen (in de regio Köln) door de noodweercatastrofe in de Ahrvallei.

De aankomst in het eindstation, waar de kleine schat en haar ouders me opwachtten, deed elke reisbeslommering gauw vergeten.

De eerste dag, een zondag, werd een mooie uitstap naar Buckow (Märkische Schweiz) gepland. De benaming Märkische Schweiz slaat op de relatief heuvelachtige en bosachtige omgeving. Buckow is omgeven door beboste duinen van een stuwwal, die is gevormd tijdens de voorlaatste ijstijd, net als bijvoorbeeld de Veluwe in Nederland. Verder zijn er de meertjes, de Buckower See en de grotere Schermützelsee. Het is ook het enige officiële Kneippkuuroord in Brandenburg. Het geniet van en is geliefd om zijn gematigd landklimaat.

We maakten een wandeling en kwamen voorbij de Ijstijdtuin waar keien, landschapsarchitectuur en informatieborden duidelijk maakten hoe de laatste ijstijd het landschap van de Märkische Schweiz heeft gevormd. We liepen verder door het stadcentrum van Buckow naar het Slotpark met de Kneippkruidentuin en de speeltuin waar de kleindochter naar hartenlust in het zand kon spelen en kon schommelen.

Zicht op het stadscentrum van Buckow (Märkische Schweiz)

Na de middag trokken we naar het Brecht-Weigel-Haus, het zomeroptrekje van toneelauteur Bertolt Brecht en actrice Helene Weigel. Deze voormalige zomerresidentie van het kunstenaarsechtpaar is sinds 1977 een plek die herinnert aan hun leven en werk en waar ook tentoonstellingen en concerten worden gehouden. De ‘Eiserne Villa’, in authentieke regionale stijl, is omringd door een mooie tuin en biedt een prachtig uitzicht op de Schermützelsee. Brecht schreef er gedurende de zomer van 1953 zijn Buckower Elegien waaruit sommige verzen op koperplaten langs het tuinpad te lezen zijn. Het huis is een trekpleister voor literatuurminnaars over de hele wereld.

De eetkamer waar de vrienden werden ontvangen en H. Weigel aan de kop van de tafel werkte
Theaterschuurtje met theaterrequisieten en -kostuums aan de rand van het meer tevens arbeidsplek van B. Brecht
DER BLUMENGARTEN 

Am See, tief zwischen Tann und Silberpappel 
Beschirmt von Mauer und Gesträuch ein Garten
So weise angelegt mit monatlichen Blumen 
Daß er vom März bis zum Oktober blüht.
Hier, in der Früh, nicht allzu häufig, sitz ich
Und wünsche mir, auch ich mög allezeit 
In den verschiedenen Wettern, guten, schlechten 
Dies oder jenes Angenehme zeigen.

Bertolt Brecht
Buckower Elegien

Achtergevel van het Brecht-Hegel-Haus

We sloten de dag af op een terras dichter bij huis, eveneens in een idyllische omgeving aan het water. Een zomerse plensbui verraste ons op weg naar de wagen maar de dag was warm en heerlijk ontspannend geweest en op de achterbank in haar autostoeltje bracht het zoemen van de motor kleindochterlief in een diepe slaap. We konden het ondertussen al heel goed vinden met elkaar. Een mooi vooruitzicht dus voor de komende dagen.

Labyrint speelt Dappere Magnolia’s van Robert Harling in een regie van Jan Sas

Dappere Magnolia’s (Steel Magnolias) is een toneelstuk van de Amerikaanse schrijver Robert Harling, gebaseerd op zijn ervaring met de dood van zijn zus. Het stuk is een tragi-komedie over de band tussen een groep vrouwen die allen hetzelfde kapsalon bezoeken. De Engelse titel suggereert dat de “vrouwelijke personages net zo delicaat zijn als magnolia’s, maar zo sterk als staal”. Magnolia’s verwijst ook naar de magnoliaboom van het personage Louise waarover ze in het begin van het stuk ruzie maken.

Fran (Yora Stappers), een gereserveerde jonge hulp, wordt ingehuurd door Brigitte (Ilona Trouwkens) om haar te assisteren in haar kapsalon. Tegelijkertijd bereiden Marleen (Kaat van Boxtael) en haar dochter, Chris (Jolien Vanhamme), zich in een ander deel van de buurt voor op de bruiloft van Chris die later die dag plaatsvindt. Ze komen samen aan met Claire (Katleen Alcide), de vrolijke weduwe van de voormalige burgemeester, om hun haar te laten doen. Later die middag arriveert de humeurige en sarcastische Louise (Ger De Broeck) in de salon en ondervraagt Fran waar ze vandaan is gekomen, waardoor Fran gedwongen wordt te onthullen dat haar man haar onlangs heeft achtergelaten terwijl hij de politie ontvluchtte, en al hun geld en hun auto meenam. Ontroerd door de emotionele bekentenis van Fran, nodigt Chris haar uit voor de bruiloft, waar Fran dan een nieuwe vriend ontmoet.

Dappere Magnolia's - Labyrint

De verdere plot wordt vooral gevormd door de gebeurtenissen rond Chris, en haar man Ben en ontwikkelt zich in episodes over drie opeenvolgende  jaren. Zij willen namelijk een kind ondanks Chris’ ernstige diabetessituatie. Eén en ander verloopt succesvol tot zich dan toch bij Chris ernstige complicaties voordoen en moeder Marleen voor haar dochter in de bres springt. In de tragische en emotioneel krachtige slotscène brengt de hechte vrouwelijke band dan toch weer soelaas.

De zes dames delen in het salon wel en wee, vreugde en verdriet. Er ontstaan conflicten en er is verzoening. Ze hebben elk hun eigen sores maar hun oprechte vriendschapsband blijft toch de rode draad doorheen dit verhaal dat een sterk ‘Story’- gehalte heeft.

Dappere Magnolia's - Labyrint

Sommige speelsters komen sterker uit de verf dan andere omdat ze enerzijds meer ervaring hebben en anderzijds in een rol zitten die hen op het lijf geschreven is. Aanvankelijk lag het speltempo wat te hoog waardoor tekst verloren ging maar dat wijzigde zich ten goede in het tweede deel.

Het decor, een kapsalon, is zo ingericht dat de acteurs, frontaal voor het publiek in de spiegel kijken. En het publiek kijkt op zijn beurt in een andere spiegel die van de herkenbare tics, de roddels, de opschepperijen, de tragische situaties, de burenruzies, de ongewilde en soms groteske ontboezemingen.

Labyrint zet met Dappere Magnolia’s opnieuw een voltreffer op zijn palmares.

Tijdens de productie gaat de opbrengst van de programmaboekjes naar Zemst for life. Ze kozen dit jaar voor de goede doelen: Transplantoux, Missing you en Windkracht Zemst.

Volgende voorstellingen: vrijdag 30 november 2018 – zaterdag 1 december 2018 telkens om 20u. Meer info: Toneelkring Labyrint

Tijdens de Kerstmarkt op 15 december 2018 voert Labyrint een kerstwagenspel op om 17u30 en 19u30 op het Kerkplein.

 

Compassie. De geschiedenis van het machinegeweer – Milo Rau – NTGent****

We moeten de mensen geven  wat ze niet willen zien, meent theatermaker Milo Rau. Zijn stuk Compassie. De geschiedenis van het machinegeweer was woensdagavond te gast in de Stadsschouwburg van Leuven. Gommer Van Rousselt, ex-dramaturg van het NTGent, gaf  in de foyer een inleiding op de voorstelling. Hij beklemtoonde de internationale faam van en waardering voor Milo Rau en had het over zijn stukken Five Easy Pieces (over Marc Dutroux) en La Reprise (de moord op een homoseksuele moslim in Liége). Hij meende dat Viktor E. Frankl’s boek Man’s search for meaning op de leeslijst van de middelbare scholen zou moeten staan en maakte duidelijk dat juist die zoektocht naar zin de passie uitmaakt van Milo Rau. Zijn stukken zijn politiek geëngageerd en een scherpe aanklacht tegen alle vormen van geweld in de wereld. Het gaat Rau om de toestand waarin de wereld zich bevindt, een Global Reality, waarbij hij o.a. in Compassie de vraag stelt Waarom één dode aan de grenzen van Europa (Aylan Kurdi) zwaarder weegt dan duizend doden in de Congolese burgeroorlog? Hij tast de grenzen van ons medeleven af maar ook de grenzen van het Europese humanisme. Hij wil aanzetten tot actie, richtte het International Institute of Political Murder (IIPM) op waarin een wereldwijde democratie wordt voorbereid en mogelijke aspecten van een toekomstig wereldparlement vorm krijgen.

In het Manifest van Gent, van het NTGent waar hij als artistiek directeur een breed stadstheater wil uitbouwen, lezen we:

Eén: Het gaat er niet alleen meer om de wereld voor te stellen, het gaat erom die wereld te veranderen. Doel is niet om de realiteit voor te stellen, maar om de voorstelling zelf reëel te maken.

Met dit uitgangspunt in het achterhoofd keek ik naar Compassie. De geschiedenis van het machinegeweer.

foto: NTGent

Rau bouwt zijn voorstelling op rondom twee personages. De een is een achtentwintigjarige, gevluchte Hutu uit Rwanda, Olga Mouak. Zij is aan het woord in de proloog  en de epiloog. Ze verloor haar ouders  bij een massaslachting. Ze overleefde en werd via de jezuïeten geadopteerd door een zwart Frans koppel uit een dorp vlakbij Orléans. Van achter haar bureau vertelt Olga Mouak die geschiedenis voor een camera, zodat we haar gezichtsuitdrukkingen goed kunnen zien. Het bureau staat links. Ervoor een grote hoop (aangespoelde? achtergelaten?) rommel, waarachter rechts een katheder is geplaatst. Daarachter verschijnt niet veel later Els Dottermans. In haar lange monoloog vertelt ze de geschiedenis van de actrice die ze is en het proces van de totstandkoming van de voorstelling.

In de vorm van een lezing introduceert ze beelden van Syrische en Afghaanse vluchtelingenkampen, die ze bezocht met haar regisseur. Dottermans’ gezicht is eveneens uitvergroot op het scherm, net als de foto’s die ze soms toont en die haar ‘naïeve’ verhaal ondersteunen. Daarop onder andere jonge, goed in de kleren zittende mannelijke vluchtelingen. Ook het beeld van het aan de kust van  Bodrum verdronken Syrische jongetje Aylan Kurdi komt voorbij. Dottermans vertelt over het repetitieproces met haar regisseur, die de vader van Aylan live had willen bellen in de voorstelling. Handig koketteert Rau hier met zijn renommée. Het voedt de cynische ondertoon in het spel van Dottermans: ‘Hij kan dat, deze regisseur.’

foto: NTGent

Het persoonlijke leven van Dottermans krijgt een plek in het verhaal als ze vertelt over een oude liefde, regisseur Luk Perceval, en de voorstelling Oedipus waarin ze speelde. Rau – en zijn vaste dramaturg Stefan Bläske – vermengen haar werkelijke biografie met het verhaal van een Vlaamse jonge ngo-medewerkster die door de organisatie ‘Teachers in Conflict’ wordt uitgezonden naar Goma, een Congolese stad aan het Kivumeer aan de grens met Rwanda. Zo raken we geleidelijk aan verzeild in de Rwandese burgeroorlog en wordt het verhaal van Mouak en Dottermans met elkaar in verband gebracht. Rau verwijst hier voor beter begrip naar Quentin Tarantino’s film Inglourious Basterds en zo komt het machinegeweer tevoorschijn.

Vooral Dottermans is aan het woord. In de epiloog krijgen we heel even een glimp van het toneelleven van Mouak,  die ook licht cynisch vertelt over haar recente repetitieproces met Robert Wilson. Jammer eigenlijk, dat ze zo zelden aan het woord is, want vooral haar inbreng heeft iets lichts, humoristisch en verfrissends. We moeten het doen met het functionele, monotone cynisme van Dottermans’ relaas, die sterk en subtiel acteert en alles bij elkaar brengt tot een cruciaal moment, waarin ze de angst van het verwarrende geweld waarin ze als ngo-medewerkster in het vluchtelingenkamp terechtkomt, theatraal toch nog verrassend vorm geeft.

Heel aangrijpend is de scène waarin ze vertelt en acteert hoe ze de geluidsknop opdraaide en de 7de Symfonie van Beethoven het geluid van de machinegeweren  en de massacre liet overstemmen. Hier wordt de voorstelling heel reëel en komt die realiteit keihard binnen. Hier hoort, ziet en voelt de toeschouwer het debacle van de hulpverlening in een meedogenloze wereld die nog slechts gelooft in ‘de macht van het machinegeweer’,  in de spiraal van het geweld.  Via het beeld van de op gruwelijke wijze vermoorde jezuïeten komt het inzicht: de puinhopen van de haat trekken een spoor van lijden in deze wereld waartegen alleen mensen die dertig, veertig, soms vijftig jaar van hun leven op dezelfde plaats werken iets positiefs in beweging kunnen zetten.

“Er is eigenlijk maar één mogelijkheid om werkelijk zinvol bezig te zijn. Dat is: je hele leven iets doen. Ik bedoel: hetzelfde doen. Je aan één zaak geven een leven lang”, horen we Els Dottermans  zeggen.

Als toeschouwer keken we honderdtien minuten in de spiegel en zagen  een ongemakkelijke, bittere, scherpe en wrange realiteit die schreeuwt om verandering. Milo Rau en het NTGent zetten daarom theaterprojecten, politieke discussies en lezingen op het programma en roepen op tot actie met The Art of Organizing Hope door Dominique Willaert en Victoria Deluxe, De staat van de waarheid, de schoonheid en het geloof door Lara Staal en tenslotte The General Assembly door Milo Rau en het IIPM.

Meer info: www. ntgent. be

Met dank aan de Theaterkrant

%d bloggers liken dit: