Toespraak Koning Filip – Nationale feestdag 21 juli 2022 – Tentoonstelling

foto: VRT – v.l.n.r Prinses Eléonore, prins Gabriël, koningin Mathilde, koning Filip, kroonprinses Elisabeth, prins Emmanuel

Toespraak

Dames en heren,

Deze zomer krijgen we eindelijk onze vrijheid terug, na meer dan twee jaar strijd tegen het coronavirus. Hoewel dat ons jammer genoeg blijft achtervolgen.

Het normale leven komt opnieuw op gang. Onze economie krijgt weer wat vaart. De overheid heeft hier ook in grote mate toe bijgedragen, dankzij effectieve steunmaatregelen.

Vandaag komt de groei geleidelijk aan weer in zicht. Hoewel er op de arbeidsmarkt nog altijd onevenwichten zijn, blijft de werkgelegenheid toenemen.

Maar sommigen van onze medeburgers, vooral bij de jongeren, komen verzwakt uit de pandemie. Ze hebben nood aan een luisterend oor, aan begrip voor hoe zij de dingen beleven – en behoefte aan aanmoediging.

Ik ben trots op het werk van mijn echtgenote, Koningin Mathilde, met haar steun aan de bewustmaking en de preventie op het gebied van mentaal welzijn.

Dames en heren,

Het is vooral dankzij ons samenlevingsmodel, dat door Covid zwaar op de proef is gesteld, dat we hebben standgehouden.

De strijd tegen de pandemie heeft bewezen dat we ook in tijden van crisis blijk geven van maatschappelijke samenhang. Hiervoor is samenwerking nodig tussen onze instellingen, tussen alle betrokken actoren, en een algemeen gedragen verbindend verhaal.

Dat we een crisis als de pandemie, binnen ons democratisch stelsel, hebben kunnen beheren, is vooral te danken aan onze sociale cohesie.

Die verbondenheid was ook zichtbaar in de hulpacties voor de slachtoffers van de overstromingen in Wallonië. Tijdens ons recente bezoek aan de regio, hebben wij kunnen vaststellen dat er heel wat vooruitgang is geboekt, maar dat nog niet alles is opgelost.

Dames en heren,

Met de oorlog in Oekraïne is de geschiedenis een nieuw tijdperk ingetreden. In de eerste plaats voor Oekraïne zelf, maar ook voor ons land, voor Europa, voor de hele wereld.

De oorlog, met ondraaglijk leed tot gevolg, is helaas weer alom tegenwoordig, heel dicht bij huis.

De Oekraïners vechten en sterven om hun land te redden, maar ook om de democratie en de waarden die we met hen delen te vrijwaren.

Wij zullen ons niet uit elkaar laten spelen door de chantage van een kernmacht die zo onze solidariteit met Oekraïne wil breken.

Wij zullen het Oekraïense volk blijven steunen.

Wereldwijd lijden veel landen onder dit conflict, sommige ontzettend hard. Wij voelen, in ons land, nu al de rechtstreekse effecten van de inflatie, die is verergerd door de internationale spanningen.

De sterke stijging van de levensduurte dreigt onze economie, maar ook onze samenleving, te ondergraven. Door de huidige prijsstijgingen hebben veel van onze medeburgers het moeilijk. In het bijzonder de huishoudens met een laag inkomen, de eenoudergezinnen en mensen die leven van een vervangingsinkomen.

We moeten absoluut voorkomen dat de kloof tussen de verschillende lagen van de bevolking groter wordt. Dat armoede aanhoudt of zelfs uitbreidt. Ons samenlevingsmodel, gestoeld op inclusie en solidariteit, kan deze nieuwe schokken opvangen. Maar dat zal niet vanzelf gaan. De hoge energiekosten maken moeilijke keuzes onvermijdelijk.

Dames en heren,

Overal rondom ons horen we steeds vaker een agressief discours. We zien ook een opleving van autoritaire regimes en reflexen, waarin alleen het eigenbelang vooropstaat, ten nadele van de anderen. Laten we die uitdagingen beantwoorden met een onwankelbaar vertrouwen in de democratie. Door het bevorderen van samenhang en inclusie. Door niet aan te wakkeren wat ons zou kunnen verdelen. Door te durven gaan voor meer nuance en welwillendheid.

In deze context van crisis is het juist de samenhang binnen de Europese Unie die ons in staat heeft gesteld gezamenlijke oplossingen uit te werken op het gebied van gezondheid, defensie, energie en de opvang van vluchtelingen.

Die cohesie is fundamenteel om te voorkomen dat de ongelijkheden tussen de lidstaten groter worden, ten koste van de bevolking.

Laten we, tot slot, in deze wereld in beroering, onze wereldwijde strijd tegen de opwarming van de aarde niet uit het oog verliezen. En laten we in dit verband hopen dat de prijsstijging van de fossiele brandstoffen zal bijdragen tot een versnelling van de energietransitie.

Dames en heren,

Tijdens onze reis in Congo hebben we een belangrijke bladzijde kunnen omslaan in onze gemeenschappelijke geschiedenis met de DRC. De zaken zijn benoemd, er zijn sterke daden gesteld.

Door op een serene manier naar ons gemeenschappelijke verleden te kijken, kunnen we samen aan de toekomst bouwen. Het Congolese volk heeft hoge verwachtingen ten aanzien van ons land. Laten we samenwerken om het te helpen vooruit te gaan naar meer veiligheid, gerechtigheid en democratie.

Met onze ontwikkelingssamenwerking, onze diplomatie en ons leger, die allen uitstekend werk verrichten. Laten we, met de internationale gemeenschap, werken aan het oplossen van dat zo dodelijke conflict in het oosten van Congo.

Dames en heren,

We blijven voor tal van uitdagingen staan.

Maar als we op koers blijven, als we onze samenhang behouden, kunnen we onze toekomst veiligstellen.

De Koningin en ik wensen u een mooie nationale feestdag en een fijne zomer. Lang leve België!

Tentoonstelling

Boudewijn was twintig jaar toen hij in 1951 de vijfde Koning der Belgen werd. Hij regeerde tot aan zijn overlijden in 1993. Bij de koninklijke functie, het Koning zijn, denkt men vaak in de eerste plaats aan officiële plechtigheden met veel protocol. Maar het werk van de Koning, die zich inzet ten dienste van het land en zijn inwoners, omvat zoveel meer activiteiten en ontmoetingen. Boudewijn bezocht het hele land, hij was een bruggenbouwer die mensen met elkaar verzoende, hij moedigde talent aan uit de cultuur, de wetenschap en de sport, hij steunde grote projecten die het land moderniseerden, hij luisterde naar de meest kwetsbaren in de samenleving en in het bijzonder ook naar de kinderen en jongeren. Meer dan veertig jaar lang vertegenwoordigde hij België in de rest van de wereld.

Koning Boudewijn

Wat “Koning zijn” voor Boudewijn allemaal inhield, tonen we in deze tentoonstelling aan de hand van foto’s, archiefstukken en diverse voorwerpen die vaak voor het eerst te zien zijn. Zo is er bijvoorbeeld een tekening van kunstenaar Paul Delvaux, de gele trui van wielrenner Lucien Van Impe, een brief van Moeder Teresa, of een kleine Belgische driekleur die met de eerste Belg naar de ruimte ging. De tentoonstelling toont zo ook een stuk geschiedenis uit de 20ste eeuw.

Georganiseerd door de Koninklijke Vereniging Dynastie en Cultureel Erfgoed, met de steun van de Koning Boudewijnstichting.

Meer info: Koninklijk Paleis in Brussel open voor het publiek

Citytripwandeling – staycation – Brussel ❤

De laatste berichten over Brussel met betrekking tot corona covid-19 waren/zijn niet positief:

In Brussel zien we dat de toename [van besmettingen] aanhoudt, met de afgelopen week 853 nieuwe vastgestelde gevallen (een stijging van +48%). In Brussel blijven ook de positiviteitsratio’s stijgen, met de afgelopen week een positiviteitsratio van 6,7%. Als deze evoluties aanhouden, zou Brussel binnen een tweetal dagen een weektotaal hebben dat hoger ligt dan dat in Antwerpen. Op woensdag 12 augustus zagen we al dat er meer gevallen werden vastgesteld in Brussel dan in Antwerpen. bron: info-coronavirus.be

Dat voelden we maar al te goed terwijl we maandag een wandelzoektocht in Brussel ondernamen met enkele oud-collega’s. Brussel oogde leeg. Nederland adviseerde niet naar Brussel te reizen en bedacht het met code oranje. Wij echter maakten er een mooie dag van, met afstand de mooiste in weken en we respecteerden plichtsbewust alle coronamaatregelen, droegen onze mondkapjes de hele dag.

Ook het weer zat mee. Zonnig maar niet te warm. Voortdurend begeleid door een zalige bries. Héél even maar een heftige windvlaag en dreigende regenwolk, maar die dreef voorbij. We kwamen op plekjes die we nog niet kenden, puzzelden samen zoekopdrachten uit, genoten van een picknickstop in het Warandepark, een ijsje of Brusselse wafel in de Europawijk, een lekker avondmaal in één van de restaurantjes aan het Jubelpark. Kortom, op onze eigen wijze maakten we duidelijk dat we ondanks de vigerende strenge maatregelen, onze nood aan sociaal contact niet opgaven.

Bron: Citytripwandeling – staycation – Brussel

Een hartelijke nieuwjaarswens

Bron foto: BRUZZ

Borman en Zonen: de beste beeldsnijders van Brabant keerden terug naar Leuven

Op 20 september opende in M Leuven de tentoonstelling Borman en Zonen, de allereerste overzichtstentoonstelling over deze middeleeuwse beeldhouwer en zijn familie.

In de vroege zestiende eeuw stond Jan II Borman bekend als de beste beeldsnijder van Brabant. Meer zelfs, de familie Borman domineerde de beeldhouwkunst in onze streken. M Leuven zet nu in vijf zalen met meer dan 120 beeldhouwwerken, maar ook met schilderkunst, tapijtkunst en werk op papier, de productie van deze vergeten familie van virtuoze houtsnijders voor het eerst in de kijker. Voor één topstuk, het Triomfkruis, moet je een blokje om: dat bevindt zich al eeuwen in de Leuvense Sint-Pieterskerk. 

Kerstwieg © RMN-Grand Palais (musée de Cluny – musée national du Moyen-Âge)

Het geslacht Borman werkte zowel voor religieuze als burgerlijke en vorstelijke klanten. Iconische werken van hun hand worden vandaag de dag bewaard in topmusea in Europa en de VS – zoals het Metropolitan Museum of Art (MET) in New York, en zijn terug te vinden in kerken verspreid over heel België, maar ook in VK, Duitsland, Spanje en Zweden.

Bust © The Metropolitan Museum of Art New York

Alles wat we weten over de leden van de familie Borman berust op archiefdocumenten enerzijds en onderzoek naar stijl, materiaal en het maakproces anderzijds. M Leuven is dé Belgische autoriteit op vlak van middeleeuwse beeldhouwkunst. Dankzij het onderzoek van een team van experten uit verschillende instellingen, waaronder MUniversité de Namur, University of Toronto, KULeuven en KIK-IRPA, zijn er sterke aanwijzingen dat stamvader Jan I én zijn zoon Jan II in Leuven werkten voor de familie naar Brussel verhuisde. De tentoonstelling brengt de Bormans dus terug naar huis. Ook kon de lijst met stukken die aan de Bormans toegeschreven worden gevoelig uitgebreid worden: momenteel zijn dat er meer dan 350. Enkele mysteries blijven bewaard: zo weten we niet waar in Brussel hun atelier gevestigd was, hoeveel mensen er in deze kmo avant la lettre werkten, en waarom de familie halverwege de 16de eeuw uit het beeld verdween.

MariaMagdalena © RMN-Grand Palais (musée de Cluny – musée national du Moyen-Âge

We weten wél dat er minstens zes familieleden als houtsnijder actief zijn geweest, verspreid over vier generaties. De meest gerenommeerde was Jan II Borman. Hij zette de vormentaal van Vlaamse Primitieven voort en was een voorloper van Bruegel. Zijn werk is volgens sommigen minstens zo virtuoos en invloedrijk als dat van tijdgenoot Jeroen Bosch. Maar naast artistiek genie hadden de Bormans ook een neus voor zaken. De tentoonstelling zoomt in op het feit dat de Bormans leveranciers waren voor de elite van Europa: hun klanten waren kerken, kloosters en gilden, en ook het Habsburgse hof plaatste bestellingen.

Hubertus – foto: frie peeters

Het gaat andermaal om een topexpo waarin kunstenaars van de lage landen in de schijnwerper staan. Als bezoeker word je via video en interactieve schermen diets gemaakt hoe de beeldsnijder zijn ambacht uitoefende en hoe de beeldsnijkunst evolueerde in de middeleeuwen van een eerder gotische stijl zonder veel dynamiek in de figuren naar een zeer dynamisch, realistische stijl waarvoor het werk van Rogier van der Weyden de inspiratie leverde. Je leert ook hoe de onderzoekers vandaag via typische stijlkenmerken maar ook via moderne technologieën als CT-scan bepaalde stukken met zekerheid aan de familie Borman kunnen toewijzen.

Het mag gezegd dat hier met grote expertise een zeer getalenteerde Vlaamse beeldsnijdersfamilie uit het vergeetboek werd gehaald.

Borman en Zonen
20.09.2019 – 26.01.2020
www.mleuven.be/borman

Tenierswandeling – Steenokkerzeel (Perk) – Recreatieve wandelroute | RouteYou

1024px-David_Teniers_d._J._008
Aartshertog Leopold Wilhelm in zijn Galerij in Brussel – David Teniers II

Kunstschilder David Teniers de Jonge (1610 -1690) is nooit echt in de vergetelheid gesukkeld. Zijn oeuvre is relatief goed bestudeerd en gedocumenteerd. Maar wie kent Teniers nog?

Het was prof. emeritus Hans Vlieghe die in 2011 de biografie ‘David Teniers The Younger. A Biography – Pictura Nova XVI 214 pp. voor Brepols, Turnhout publiceerde. Cornelis de Bie had in 1662 een eerste, naar een biografie neigend boek geschreven over de van oorsprong Antwerpse schilder David Teniers de Jonge, die op zijn veertigste groot aanzien genoot als hofschilder.

In 1647 had landvoogd, aartshertog Leopold Willem hem immers gevraagd naar Brussel te komen. In opdracht van de landvoogd kopieerde hij de belangrijkste schilderijen uit zijn verzameling, zodat er door de graveertechniek prenten van gemaakt werden, en die dienden als “prestigieus” relatiegeschenk.

In zijn Antwerpse periode boerde Teniers de Jonge goed, wat niet gezegd kan worden van zijn vader (ook kunstschilder), die schulden maakte en een poosje in de gevangenis mocht. Vader Teniers legde het schilderspallet terzijde en maakte zijn entree in de kunsthandel.

In het begin van zijn carrière was Teniers de Jonge een genreschilder zoals bijvoorbeeld Adriaan Brouwer. Teniers was sterk in de uitbeelding van het boerenleven met de al dan niet uit de hand lopende drankgelagen. Hij kreeg contact met Rubens (die getuige was op het huwelijk van David met Anna Brueghel – dochter van de fluwelen Brueghel – in 1637) waardoor hij toegang kreeg tot de hogere kringen. Nadat Anna Breughel overleed op 11 mei 1656, begraven in de kerk van Sint-Jacob-ten-Coudenberg in Brussel, hertrouwde Teniers in hetzelfde jaar met Isabella de Fren.

In Perk liet hij een kasteel Drie Torens bouwen, niet ver van het kasteel van Rubens in Elewijt, dat hij omstreeks 1662 betrok.

Momenteel loopt tot 26 januari 2016 in het Musée de Flandre in Cassel (F) een tentoonstelling ‘Teniers, nooit uit de mode’ Meer info: www.museedeflandre.lenord.fr

Vertrek & einde: parking rond Sint-Niklaaskerk, Tervuursesteenweg, Steenokkerzeel (Perk) – Wij kozen voor het traject van 5 km. Er zijn echter uitbreidingen mogelijk van 7 km en 9 km. Zie: www.steenokkerzeel.be (Toerisme)

Bewegwijzerd: witte zeshoekige borden met rode opdruk

OV: halte Perk Kerk – lijn 280, 681, 682, 225

Bron: Tenierswandeling – Steenokkerzeel (Perk) – Recreatieve wandelroute | RouteYou

Heksen in Vlaanderen en de heks van Kampenhout – prof. F. Vanhemelryck | Davidsfonds Kampenhout

Op 29 oktober ll. organiseerde het Davidsfonds afdeling Kampenhout een voordracht  met prof.  F. Vanhemelrijck  over ‘Heksen in Vlaanderen en de heks van Kampenhout’ in de Glazen Zaal aan het Gemeenteplein, 1  in Kampenhout.

Heksen en toverij zijn universeel. Europa en Vlaanderen werden er vooral in de 16de en 17de eeuw mee geconfronteerd. Waarom? Wat werd de heksen verweten? Vanwaar kwam de obsessie voor de duivel? Waarom werden vooral vrouwen vervolgd en naar de brandstapel gestuurd? Wat is er geweten over Josyne van Vlasselaer, de heks van Kampenhout, voorouder van Ludwig van Beethoven?

Na een korte voorstelling door voorzitter M. Cockaerts stak prof. Vanhemelryck van wal met een historisch overzicht van het fenomeen ‘heks’ en de haar toegedichte fascinerende ‘magische krachten’. Via de Oudheid (Griekenland en Rome), de Germaanse tijd en de Bourgondische tijd belandden we in de 16de en de  17de eeuw. De tijd van Humanisme, Reformatie, Contrareformatie en Wetenschap. Paradoxaal genoeg komt in deze tijd van voortschrijdend rationalisme de Heksenbul (1484) van paus Innocentius VIII tot stand die leidde tot veel heksenterechtstellingen bv. in de Elzas. Even later werd de Malleus Maleficarum (1487), de zogenaamde Heksenhamer, de handleiding voor de heksenjacht. Het ging in deze publicatie vooral om een methode die diende aangewend te worden om te achterhalen of iemand een heks was. Omdat men geloofde dat er een complot bestond tussen de heksen en de duivel om de wereld om zeep te helpen, kwam in deze periode de eerste wetgeving tegen de heksen, de Constitutio Criminalis Carolina (1532), tot stand. Vooral tijdens het bewind van Filips II van Spanje, enige zoon van Karel V, kwam het tot een ware demonisering van de heksen. Beide publicaties werden uitgevaardigd vóór de veroordeling van Josyne van Vlasselaer maar de meier van Kampenhout moet er weet van gehad hebben, zo stelt professor Vanhemelryck. Gedurende het bewind van Albrecht en Isabella in de 17de eeuw  schrijft Martin Delrio, een man die helemaal in de ban kwam van de demonologie, een actualisering van de Heksenhamer namelijk de Disquisitionum Magicarum Libri Sex (Onderzoekingen naar Magie in Zes Boeken) een werk dat in drie delen verscheen in Leuven in 1599 en 1600 en dat nog meer dan twintig herdrukken zag. Daarmee was het op de Malleus Maleficarum na het meest populaire werk over occultisme. In de Disquisitiones legde de jezuïet een band tussen ketterij en hekserij. De laatste herdruk was in Keulen in 1755. Desondanks werd het werk zowel in protestant als katholiek Europa populair.

De procedure

Hoe kwam het dan van gerecht tot pijnbank? De rechtbanken uit die tijd waren van zeer verschillende kwaliteit. De stedelijke rechtbanken waren academischer als die van het platteland. Meestal begon het bij een gerucht (over vrouwen): men werd besmet door een vrouw of  zij werd als de oorzaak aangeduid van het overlijden van een kind, van impotentie van de man, van de oogst die mislukte, … Daar volgde dan een gerechtsonderzoek op, een vooronderzoek dat vierentwintig uur na de arresatie diende te gebeuren. Men onderzocht:

  1. Of de vrouw bezeten was door de duivel?
  2. Of ze werd geëxorceerd?
  3. Of ze door de duivel naar de sabbat werd gevoerd?
  4. Of ze de duivel als god erkende?
  5. Of de duivel haar gemerktekend had met het duivelsteken ?
  6. Of de duivel met haar sliep?
  7. Of ze mensen ziek had gemaakt? Een kind had doen lijden, een paard doen sterven?

Indien de vrouw niet tot bekennen kon worden gebracht, werd ze overgeleverd aan de tortuur. En omdat men bang was dat de duivel de heks ongevoelig zou maken voor de tortuur, besprenkelde men foltertuig en heks met wijwater. Als de zoektocht naar het stigma, het duivelsteken ( bv. wrat, slecht genezende wonde … ) geen bekentenis opleverde, volgde de foltering (bv. waterproef, …). Dit irrationele bewijsrecht werd in 1692 pas afgeschaft , een eeuw na de veroordeling van Josyne van Vlasselaer.

De bestraffing

Volgens prof. Vanhemelryck  werd bij ons het merendeel van de veroordeelden niet bestraft door verbranding maar door een boete, de schandpaal, een bedevaart, … In de beeldtaal van de kunst en de literatuur uit die tijd verschijnen heksen en heksenprocessen: in Pieter Brueghels ‘Dulle Griet’, 1561, in Christopher Marlowe’s ‘The Tragical History of Life and Death’, 1780 en in William Shakespeare’s  Macbeth, 1606 zijn het de heksen die het kwaad symboliseren.

1024px-Pieter_Bruegel_d._Ä._023

De vreemde gedaanten van ‘de Boze’

De duivel kon verschillende vermommingen aannemen, zo geloofde men: die van een bok, een jonge, knappe en intelligente man (cfr. Marieke van Nieumeghen), van Sint-Jacob, van een zwarte kat, zelfs van een jezuïet.

De nachtelijke vlucht naar de sabbat

De heksensabbat vond meestal plaats op een eenzame vergaderplaats. De duivel zond een geluid uit en de heksen stegen op via de schoorsteen en vlogen naar de heksensabbat waar ze hun palmares van kwaad aan de duivel gingen vertellen. Er bestaat trouwens een schilderij van David Teniers jr. ‘Heksensabbat’, 1633. Of Pieter Brueghel de Oude  met zijn schilderij ‘Dulle Griet’ uit 1561, dit beeld van de heks in het leven heeft geroepen, zoals zo dikwijls wordt beweerd, is volgens prof. Vanhemelryck, helemaal niet zeker.

8.-Heksensabbat-David-Teniers-II-1633-Museツ-de-la-Chartreuse-Douai

Wie is de heks?

Vaak ging het om arme, oude, lelijke vrouwen …

Geografische verschillen in intensiteit

De meeste heksenprocessen kwamen in de Westhoek en de streek onder Gent voor. Ook in de streek van Tongeren situeerden er zich verschillende. Het zou in totaal in heel Vlaanderen om 241 processen gaan. De geschoolde rechters van bv. Brussel en Antwerpen veroordeelden niet zo snel tot de brandstapel en zoals al eerder werd opgemerkt: zowel protestanten als katholieken stelden terecht.

Josyne van Vlasselaer

De terechtstelling van Josyne van Vlasselaer, echtgenote Aert van Beethoven, moet gezien worden tegen de achtergrond van de relatie tussen de meierij van Kampenhout en Brussel. De meier van Kampenhout, J.- B. de Spoelbergh, voorzitter van de rechtbank, deed wellicht het vooronderzoek (information préparatoire) waarop de uitlevering aan de amman van Brussel volgde. En in Brussel meldde zich op dat ogenblik wellicht ook een gerenommeerde heksenjager aan bij de amman. Wat werd haar precies ten laste gelegd? Ze werd aangehouden op verdenking van hekserij (op suspitie en inditie van toverije) en naar de gevangenis van Brussel gevoerd. Dorpelingen hadden de overledene ervan beschuldigd dat zij wel een pact met de duivel moest hebben, omdat er vier keer een paard was doodgevallen in het dorp, op een plaats waar zij was voorbij gekomen. Na haar aanhouding kwamen nog getuigenissen toe. Een paard had bloed geplast en was aan koliek doodgegaan, en een koe had melk gegeven die zuur was. Zij ontkende alle beschuldigingen, maar gaf tenslotte uitgeput op de pijnbank toe. Op vraag naar ‘andere heksen’ die ze kende en aan wie ze haar ‘toverije’ zou doorgeleerd hebben, gaf ze door de tortuur, de naam van haar buurvrouw, Anna Verstande, op die aan de dood ontsnapte ondanks de tortuur. Josyne werd ‘gecondemneerd tot de brand’ en deed eind september aan de vooravond van de executie nog een mislukte poging tot zelfmoord door het inslikken van potscherven.

Heksenjacht was vooral vrouwenjacht

Tachtig tot negentig procent vrouwen werden slachtoffer van dergelijke bestraffing.  Een teken van een latent anti-feminisme. Niet alleen kwaliteiten maar vooral veel gebreken werden aan hen toegeschreven. Voorbeelden uit de geschiedenis zijn legio: Zeus stuurt Pandora naar de wereld; Eva maakt zich schuldig aan de erfzonde; misprijzen voor de vrouw ook bij de renaissancedichter Petrarca; volgens Luther  zijn het de mannen die brede schouders hebben; Valens Acidalius (1567 -1595), een Duitse humanist, vraagt zich af Ob die Weiber Menschen seyn, oder nicht?

Geleidelijk worden naar het einde van de 17de eeuw de brandstapels gedoofd door de mentaliteitswijziging, door de vooruitgang van de wetenschap, door het voortschrijdende rationalisme. Voorlopers in deze mentaliteitsverandering waren o.a. Johannes Wier, Galilei, Newton, Baltasar Bekker.

Tegen het einde van de 18de eeuw zijn er in onze gewesten geen misdrijven van die aard meer.

Vanaf de 19de eeuw wordt de heks een romantische figuur bij o.a Goethe, Victor Hugo, in Charles Gounods Faust-opera, in het schilderij  De heksensabbat van Francisco de Goya, in  L.F. Baums  De tovenaar van Oz uit 1900, in het stripverhaal van Suske en Wiske ‘Jeanne Panne’ enz.

Na de voordracht was er kans om vragen te stellen. Toen er twijfel rees over de geboorteplaats van Josyne van Vlasselaer (Bergse Heide of Relstse Heide) moest Prof. Vanhemelryck  het antwoord schuldig blijven omdat er hem geen historische bronnen bekend waren die daarover uitsluitsel konden geven. Iemand vroeg naar een vorm van eerherstel voor Josyne van Vlasselaer bv. door één of andere (kleine ?) Trage Weg met haar naam te bedenken. De aanwezige burgemeester, Chris Leaerts, beloofde deze suggestie in overweging te nemen.


Nog verder lezen over het onderwerp kan met het RoSa-factsheet Het heksbeeld in Vlaanderen. Van brandstapel tot barricade.

Hoe voorkom je radicalisering bij jongeren ? | Klasse voor Leraren

 

Waarom radicaliseren sommige moslimleerlingen zo sterk dat ze in Syrië gaan strijden of sympathie hebben voor IS? En kan je dat als leraar voorkomen? “Toon begrip voor het onrecht dat ze voelen, zo kan je contact leggen met jongeren”, zeggen kinderpsychiater Peter Adriaenssens en inspecteur islamitische godsdienst Ahmed Azzouz.

Kinderpsychiater Peter Adriaenssens bood tijdens een lezing [juni 2014] een wetenschappelijke en pedagogische kijk op de problematiek. Inspecteur islamitische godsdienst Ahmed Azzouz belichtte de religieuze, politieke en ideologische kant. Dit is de samenvatting van hun betoog.

#klasselive is een live videostream over een actueel thema, uitgezonden via YouTube en op de website van Klasse. De eerste #klasselive is op woensdag 21 januari van 15 tot 16 uur. Volg hem live op www.klasse.be/live.

De eerste #klasselive gaat over radicalisering bij jongeren. Hoe ontstaat die? Wie is er vatbaar voor? Hoe kan je als leraar voorkomen dat je leerlingen radicaliseren? Klasse interviewt twee experts en legt hen jouw vragen voor. De experts:

bilalBilal Benyaich is politicoloog (VUB en UGent) en voert onderzoek naar islamradicalisering in ons land. Hij coördineert het migratie- en integratie-onderzoek aan het Itinera Instituut.

 

chrisChris Wyns is stafmedewerker kansenbeleid en diversiteit bij het Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs VVKSO. Hij ondersteunt scholen die vragen hebben rond radicaliserende jongeren. Hij is oud-directeur van het Sint-Niklaasinstituut Brussel en voormalig project- en beleidsmedewerker van de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor)

Update 21/01/2015 : Verband tussen discriminatie en beslissing om in Syrië te gaan vechten – 20/01/2015 Brusselse scholen voelen invloed haatpredikers – Brusselnieuws.be

%d bloggers liken dit: