Lucifer – Connie Palmen****

In deze sleutelroman (350 blz.) uit 2007, uitgegeven bij Prometheus, brengt Connie Palmen een fictief verhaal gebaseerd op een tragische, ware gebeurtenis uit het leven van componist Peter Schat(1935-2003). Z’n vriendin Maria Schapers (alias Clara Wevers) stort op Skyros (Griekenland) in een ravijn. Aan de hand van het oeuvre van Peter Schat (alias Lucas Loos) analyseert Palmen een door vragen en verhalen omgeven dood.  Ze weet feiten en fictie subtiel te verweven zonder te pretenderen dat ze de historische werkelijkheid weergeeft.

Het vertelstandpunt:  Vijfentwintig jaar na de dood van Clara gaat de ik-verteller op onderzoek uit. Via een aantal kleurrijke personages dat het Amsterdam van de jaren tachtig bevolkte, stuit ze op onverwachte bronnen. Was de dood van Clara Wevers al jarenlang aangekondigd in een muzikaal en journalistiek oeuvre of was haar val een verschrikkelijk ongeluk?

De titel ‘Lucifer’ roept natuurlijk meteen de associatie met Vondels 17de eeuwse stuk op en Palmen geeft haar roman ook de structuur van het klassiek theater uit die tijd: vijf hoofdstukken die ze de titel ‘bedrijf’ geeft. Niet alleen de structuur ook de inhoud verwijst naar  Vondels Lucifer, de gevallen engel die God en de hemel bestormde, uit jaloersheid jegens het paradijselijke koppel. Het Mephisto – Faustmotief  is doorheen het hele verhaal in woordkeuze, metaforiek, dialogen en citaten aanwezig. Het goede en ‘de vernietiger van het goede’ staan als wit en zwart tegenover elkaar en evoceren een tijd waarin een generatie alles wat naar ‘burgerlijkheid’ neigde, contesteerde en provoceerde. In zijn muziek is de hoofdpersoon koortsachtig op zoek naar een nieuwe harmonie, weg van de dissonant van het conflict (de eeuwige ruzies met Clara). Het sociaal -linkse ideaal is het evangelie van die tijd en als componist meet Lucas Loos zich het imago van een god-messias aan die naar het einde van de roman zelfs zijn eigenhandig geschapen hemel bewoont.  Eerder al als opportunist en verrader van het ideaal uit het kunstenaarscollectief verstoten, moet onze held zoveel hybris finaal met de aidsdood bekopen. Als een ‘deus ex machina’ wordt zijn loden kist met een hijskraan weer op de aarde neergelaten onder het toeziend oog van Rafaël (!) Delaporte, zijn biograaf.

Het aantal kleurrijke personages dat het A’dam van de jaren ’80 bevolkte: Albertus Prins, de Prins: musicoloog, pianist, toneelschrijver en dichter; Mica van Hoorn, actrice; Jacoba Malink, operazangeres; Thomas Burggraaf, beeldend kunstenaar en ex van Jacoba, huidige echtgenoot van Mica; Rafaël Delaporte, journalist; Bubi de Vos, musicus; Aaron, schrijver; Otto Griffioen, een meester in de rechten; Puck; Robin, modeontwerper; Quint zoon van Lucas en Clara; Bella Basten, actrice en hartsvriendin van Clara.

Enkele fragmenten:

Het zou een tocht zijn langs de afgronden van een turbulent huwelijk en een evenzo turbulente tijd, een queeste naar de betekenis van een eenzame zin in een dodenadvertentie en naar de waanzin van een kunst die zelfs atheïsten in het bestaan van God doet geloven: de muziek. (blz. 13)

De genese van een roman is een merkwaardige. Het begint met een idee, maar wat is een idee? Iets ongrijpbaars, eerder een vermoeden van kennis dan het hebben ervan. Kennis komt voort uit het leggen van verbanden tussen schijnbaar losstaande feiten, maar hoe kom je aan de afzonderlijke elementen? [… ] Sowieso redt geen enkele roman het met één gegeven, of met één idee. […] De eigen logica van een roman vertelt de schrijver of hij gelijk heeft of ongelijk. Op elke pagina. De roman dwingt zijn eigen waarheid af. Al is elk woord verzonnen, een roman verdraagt de leugen niet.(24)

De schrijver is de duivel die elke gedaante aanneemt en daardoor ongrijpbaar wordt. (66)

Je moet een vrouw haar lijden niet afnemen het is vaak het enige waarin ze groot kan zijn. (108)

Muziek is hoorbare wiskunde. Wat componisten met elkaar delen is de griezelige gave om de toekomst te voorspellen. (118)

Lucas Loos, een demonische engel. (154)

Alleen maskers kunnen ons afgrijzen uitdrukken.(177) Condoleance n.a.v. Clara’s dood.

‘Het is de gruwelijke misvatting van de vrijheid die onze tijd teistert,’ zegt Otto met een plotselinge woede. […] Vrijheid bestaat bij de gratie van grenzen, waarom begrijpt niemand dat nog? De ontkenning van dit simpele gegeven is het verwoestende virus van de twintigste eeuw, verspreid door die provo’s van wie Lucas beschermheer en huismeester was. “Bevrijd u van uw ketenen,” roept hij vanaf de kansel. Daar draaide het wagneriaanse gesamtkunstwerk van hem toch om, De Boeienkoning? Maar onze ingebeelde verlosser van de mensheid vergeet één ding: dat mensen nergens zoveel van houden als van hun ketenen.’ (285)

De tijd leerde ons dat het goede willen het kwade kan veroorzaken. Elke linkse revolutie bleek de bakermat voor een totalitaire dictatuur. ( 313)

Wat je kiest te geloven bepaalt wie je bent. (326)

Het pad van de speculatieve analyse. ‘Het is een pad dat leidt naar het immense belang van het getal drie. De harmonie, waarnaar Lucas Loos zijn leven lang op zoek was, bleek verborgen in dit getal. In de drieklank vond hij de harmonie en in het strakke harnas van een nieuwe leer vond hij de vrijheid. Zijn muzikale gang begon bij een: de eenzame, twaalf individuele tonen, de basis van alle muziek. De volgende stap was de twee: het interval tussen twee tonen: de relatie. Maar de ultieme stap die Lucas zette, was die in het rijk van de drieklank, de kring. De vraag waarmee wij rondliepen was op welke manier de muzikale gang van Lucas parallel liep met zijn persoonlijke leven.'[…] ‘Clara’s val viel samen met Lucas’ afscheid van het relatie-interval. Het rijk van de twee was ingestort en op de puinhopen van het verguisde kon het regime van de drie beginnen’ (333) (!)

‘Opus 33,’ zei Bubi onheilspellend. (337)

Connie Palmen is er mijns inziens prachtig in geslaagd om het mysterie Clara Wevers -Lucas Loos uit de doeken te doen zonder te ontluisteren; zonder ook met een banaal moord- of zelfmoordverhaal op de proppen te komen. De psychologie van de personages is zo reëel, de tijdsgeest zo correct getekend; de speculatieve analyse twintig jaar later zo voorzichtig respectvol in de haar zo eigen heldere taal beschreven dat deze roman boeit van de eerste tot de laatste bladzijde.

http://www.maxpam.nl/2007/03/de-val-van-een-eerloze-verrader/

Auteur: Blauwkruikje

Master of Germanic Philology - KULeuven - Belgium - Nature, fiction, theater, poetry, philosophy and art lover. Photo: Ostend (B) - Japanese Deep Sea Garden

1 thought on “Lucifer – Connie Palmen****”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s