Google doodle en …

20 Belgische trekpleisters in de Google doodle voor de Nationale Feestdag 2017

… kent u ook de 99 redenen waarom België EIGENZINNIG FENOMENAAL is? 🙂 Een beetje chauvinisme op een dag als vandaag kan geen kwaad, toch?

Op deze nationale feestdag is het boeiend om [ook] eens op een andere manier over onze geschiedenis te denken dan we hoorden op de schoolbanken. VRT-journalist Jos De Greef kijkt eigenzinnig naar dat verleden en ziet een België dat al altijd meertalig was en ouder is dan het officiële geboortejaar.

 

 

Koning Filip: “Over de verschillen heen kijken, meer is niet nodig”

Koning Filip breekt mee de vastenperiode tijdens ramadan – foto: VRT

In zijn jaarlijkse toespraak aan de vooravond van onze nationale feestdag spreekt Koning Filip klare én optimistische taal. Hij roept op om te focussen op wat we delen met elkaar, niet op wat ons verdeelt. De tijd is er rijp voor, dankzij een nieuwe dynamiek in Europa, aldus onze vorst.

Over de economie en de arbeidsmarkt waait vandaag een wind van optimisme”, steekt onze vorst van wal. “Een nieuwe Europese dynamiek lijkt vorm te krijgen. Hoe kunnen we dit moment aangrijpen?” Een directe vraag, en de koning geeft meteen het antwoord. Door te “leren van elkaar en met elkaar”, om zo breuken in onze samenleving te overbruggen, zo klinkt het.

De vibe van Macron

Vorig jaar lag de focus van de koning nog op het verdriet van België na de aanslagen en de onrust binnen de Europese Unie. Nu voelt hij kansen die we moeten grijpen. Weg is het pessimisme van de brexit: met Macron in het Franse Elysée ligt de focus binnen Europa weer op samenzijn.

Door ervaringen te delen, kunnen we leren, vindt de koning. Van de Zwitsers bijvoorbeeld, en hun opleidingssysteem van duaal leren, op school en op de werkplek, waar koning Filip zo’n fan van is. Eind juni ging hij er nog op werkbezoek, met een schare ministers.

“Onlangs heb ik in Zwitserland kunnen vaststellen hoe succesvol dit model van duaal leren kan zijn. Laten we de kruisbestuiving tussen ons onderwijs en het bedrijfsleven dan ook blijven aanmoedigen. Het zorgt voor meer dynamisme in de arbeidsmarkt. En we bevorderen er de gelijkheid van kansen mee.”

“Ik heb veel geleerd”

Zelf leert en deelt onze vorst ook. Bij de Marathonradio van onze jongerenzender MNM bijvoorbeeld was hij tegen de blokkende studenten heel open over zijn eigen studentenperiode, toen hij zei dat het voor hem niet gemakkelijk was, en dat hij hard heeft moeten studeren.

En met een Belgisch moslimgezin brak hij mee de vastenperiode tijdens de ramadan. “Ik was onder de indruk van de manier waarop alle leden van het gezin zich inzetten voor de gemeenschap”, zegt hij in zijn speech. En de avond wordt nog beter.

“Toen ik ’s avonds laat het huis verliet, stonden hun buren me op te wachten. Zij boden me een fles wijn aan. En ze vertelden me hoe blij ze waren in die buurt te wonen. Het maakte me trots, dat twee zo verschillende, eenvoudige en oprechte uitingen van gastvrijheid, bij ons zij aan zij kunnen bestaan.”

“Praat met wie je niet kent”

Koning Filip beseft dat het er niet in alle straten zo aan toe gaat. Maar meer dan we denken, zegt hij, “bestaat er een gemeenschap aan waarden, over de verschillen heen.” En dus roept hij op, en geeft hij raad, en zegt hij zelfs ronduit wat we moeten doen.

“Praat eens met iemand in uw omgeving die u niet kent. U zal ontdekken dat u met uw buren dezelfde vragen deelt, dezelfde twijfels, dezelfde hoop, dezelfde dromen. Welzijn en geluk hebben pas waarde als ze echt worden gedeeld.”

Onze koning zet zijn besluit kracht bij met zijn arm. En hij belooft dat we de positieve dynamiek gaan kunnen verzilveren. “Op voorwaarde dat we willen leren van wie ons voorafgaat, van wie ons volgt, van onze buren, en van wie we soms denken dat ze zo verschillend zijn. Over de verschillen heen kijken, meer is daar niet voor nodig.”

En na deze opdracht rondt de koning zijn 21 juli-speech af, met een wens van hemzelf en koningin Mathilde: “Een gezellige nationale feestdag.”

Bron: deredactie.be

OER. De wortels van Vlaanderen – Caermersklooster – Gent *****

Het Patershol, kruispunt Vrouwebroersstraat – Plotersgracht

Het Caermersklooster ligt in het Gentse Patershol. Die wijk is vandaag de dag bekend voor de vele restaurants die achter de historische gevels schuilen. Dat stadsbeeld dateert maar van het einde van de 20ste eeuw. In de 12de eeuw bevolkten vooral ambachtslieden zoals schoenmakers (‘corduwaniers’) deze wijk. Later bouwden advocaten en magistraten hier hun mooie burgerhuizen.Voor hun werk moesten zij immers vaak in het Gravensteen zijn: dat was tot de 18de eeuw de zetel van verschillende bestuursorganen. Tijdens de industriële revolutie verarmde de wijk tot een arbeidersbuurt in de schaduw van detextielfabrieken. Daarna kwam de opwaardering van de wijk.

Restaurant Roots in de Vrouwebroersstraat

De naam Patershol zou teruggaan op een donkere gang die onder de infirmerie van een klooster naar de Plotersgracht liep.Het was het ‘klooster van de geschoeide karmelieten’. De karmelieten waren oorspronkelijk kluizenaars in het Nabije Oosten.De heilige Maagd Maria zou hen op de berg Karmel in Palestina bevolen hebben om een kloosterorde te stichten: vandaar de naam karmelieten of de volksnaam vrouwebroers.

Caermersklooster – Lange Steenstraat

OER is een weerspiegeling van een belangrijk kantelmoment in de Vlaamse kunstgeschiedenis, van ca. 1881 tot 1930. De tentoonstelling brengt een uitzonderlijke selectie van topstukken van de meest invloedrijke schilders uit die periode; de stukken bevinden zich grotendeel in privébezit en worden voor de eerste keer getoond aan het publiek.

Vanaf de 19de eeuw wordt België een van de belangrijkste industriële naties van de wereld. Boeren worden arbeiders. Ze verlaten het platteland voor de stad, en hokken daar dicht op elkaar gepakt in stinkende beluiken. Fabrieksschoorstenen walmen dag en nacht. Geen wonder dat het heimwee naar het verloren boerenverleden steekt.

Kunstenaars als Emile Claus, Gustave Van de Woestyne, George Minne en Valerius De Saedeleer verlaten het vuile Gent. In de Leiestreek kunnen ze vrij ademen, en vinden ze echo’s van de verloren idylle. Elk op hun manier zoeken ze – bewust of onbewust – hun ‘roots’. De een vindt die in rijpe korenvelden, de ander in de bruegeliaanse poëzie van een winterlandschap of in het getaande gezicht van een boer. In hun schilderijen, beelden en tekeningen zweemt een soort collectieve essentie van wat Vlaanderen is. Een monumentale, complexloze en vaak bijna spirituele ode aan de streek en haar bewoners.

DSC03490
Licht en leven, Emile Claus (1849-1924) en het luminisme.

Maar ook buiten Latem wordt geschilderd. In Oostende schippert James Ensor tussen reële vissers en burleske fantasieën – want ook absurde humor blijkt typisch Vlaams.

En bij het begin van de 20ste eeuw voelt Léon Spilliaert zich verloren in een steeds sneller veranderende wereld. En dan moet de oorlog nog beginnen.

Léon Spilliaert (1881-1946) – Solitude

De Eerste Wereldoorlog blijkt een breuklijn. Buitenlandse ballingschappen maken dat kunstenaars als Gust. De Smet, Frits Van den Berghe, Constant Permeke en Edgard Tytgat voeling krijgen met wat internationaal beweegt op de artistieke scène.

Rik Wouters (1882-1916) en zijn geliefde Nel
Constant Permeke (1886 -1952) – Het zwarte brood

Ook zij halen inspiratie uit het volkse leven en vullen deze aan met caféinterieurs, kermissen, circussen en variété. In de kunstwerken verweven zij hun eigen emoties en creëren een hoogst persoonlijke blik op de toenmalige wereld.

Edgard Tytgat 1879-1957

Nog tot 6 augustus 2017 – meer info: www.caermersklooster.be
Tekstbron: brochures van de tentoonstelling en het Caermersklooster