Kunstenfestival Watou 2018

Over verlangen en troost

Advertenties
Het nog voor de officiële opening beschadigde ‘Verboden Vrucht’, 2018 – DAVID DE POOTER (B) in het Brennepark. Een graffitispuiter nam het RAAK ME AAN wel heel letterlijk. De beschadiging zal blijven deel uitmaken van het werk.

De dag plukken in Watou gedurende de zomermaanden is een must geworden.  Na al die jaren is die  plek in de Westhoek de incarnatie van een verlangen geworden, maar ook van een confrontatie met de maatschappelijke werkelijkheid die tot nadenken aanzet. Uit de spanning tussen beide groeide  iets opbeurends, iets zalvends.

De aanblik van Watou veranderde met de tijd: B & B’s vatten er post, het Douviehuis  werd verbouwd tot een riante vakantiewoning, wandel- en fietsroutes komen er langs, of vertrekken er, tal van  horecazaken verwennen er de bezoeker met heerlijke streekgerechten.

Het altijd weer verrassende Kunstenfestival dat er woord en beeld in een unieke context samenbrengt, belichaamde de voorbije 38 jaar beslist mee de hoop voor ‘het dorp op de Schreve’. De sculpturen, video’s, schilderijen en installaties prikkelen dit jaar  onze gedachten en fantasieën over verlangen en troost. Dichter Bernard Dewulf schreef voor de catalogus het indringende en beklijvende essay Van koffie tot genade. Over ons verlangen naar troost.

Ik deed tien locaties aan – de elfde is off-Watou in Poperinge en reserveerde ik voor een later bezoek.

HET FESTIVALHUIS

Uitgelicht

Dit jaar gewijd aan de Nederlandse dichter Gerrit Kouwenaar (1923 -2014) zijn leven en werk.

Bij een gedicht van Peter Verhelst,  letterkunstenaar Maud Bekaerts  Nooit komt een eind aan ons verlangen, 2018

Whale Spotting

Je kijkt naar de zon boven de zee. De roerloos hangende meeuw.
De ene ademhaling waarin de zon zo trillend, waarin de walvis zo zwart
Uit het diepe duistere zuchten van de zee oprijst, dat ene ogenblik
Waarin de zon zo blikkert dat hij de walvis opslokt.

Dat is de seconde waarin iets in ons zich naar binnen vouwt.

Niet de blinde vlek van de walvis
Maar dat we hierheen gekomen zijn
Omdat we deel willen uitmaken
Van dat wonder

Van niets
Dat we zijn.

Het gat van mij, roetzwart
Rond de walviszwarte vorm
Van jou.
Nooit.

Nooit

Komt een eind aan ons
Verlangen.


Peter Verhelst
uit: Zoo van het denken, Prometheus, 2011
(nieuwe versie voor Kunstenfestival Watou)


zonder titel, 2018 – KATRIN DEKONINCK (B)
When my bones melted I could no longer see the difference between right and wrong, 2011-2017 – TORI WRÅNES (NO)
Voorgrond: Jessica, 2014 – ANTON COTTELEER (B) Achtergrond: 51°03′ 11. 82” N 3°39′ 18. 99″, 2011 – HANNE VAN ROMPAEY (B)

VIJFHOEKSTRAAT 13

Ma (n) donna, 2014 – JOSE COBO (ES)
Magic Mama, 2018 – NADIA NAVEAU (B)

DE KASTEELTUIN

Stolen moments, 2014 – LUK van SOOM (B)

DE DOUVIEHOEVE

De film The Girl, 2017 van HANS OP DE BEECK (B) waarin een meisje een eenzaam leven leidt te midden van dromerige landschappen, duistere wouden en weidse afvalbergen. Ze beweegt zich tijdens de nacht, de vroege ochtend en in wind en regen voort op haar bakfiets en verzamelt het meest noodzakelijke om te over leven in het bos en in industriële gebieden.

De zachte en majestueuze esthetiek, de explosieve kleuren van textielkunstenaar SHEILA HICKS

Escalade beyond chromatic ends, 2017 – SHEILA HICKS, USA

Voor ROIG trekt het licht de figuren aan als motten maar eens dichtbij worden ze erdoor verblind. Voor hem staat licht niet symbool voor kennis maar voor wat ons in onze huidige maatschappij desensibiliseert.

Sperma Infinitum, 2013 – BERNARDI ROIG (ES)
De buitensculpturen van FRAUKE WILKEN (D)

DE GRAANSCHUUR

Determined, 2017 – LUDOVIC LAFINNEUR (B)
My secret rose garden crazy for you 180202, 2018 – ARNE QUINZE (B)
HART

Er is iets gaande in mijn hart,
het vouwt zich open als een bloem.

Ik zag het in een droom, een bloem die voortdurend opengaat
als een stomende waterval
het gaat maar door het lijkt wel een perpetuum mobile
of zo'n trap van Escher.

Vanochtend voelde ik de knop van de bloem
onder mijn huid.
Eerst nog onopvallend maar ze groeit!
Mijn huid barst open.
Ter hoogte van mijn thymus staat nu de frisgroene knop.
Ik draag haar als een parel.

En nu beginnen de blaadjes zacht te openen.

Op een bepaalde manier stelt het me gerust.

Ja ik geloof in buitenissigheden
mensen die door muren lopen, kunnen lezen met hun ogen dicht
contact met planten en bomen,
dit valt in eenzelfde categorie.

Ik kan haar niet meer verstoppen, mijn bloem, mijn hart.


Marije Langelaar
uit: Vonkt, De Arbeiderspers, A'dam, 2017

HET PAROCHIEHUISJE

Somewhere, 2018 – Franz Schmidt (D)

‘Somewhere over the rainbow’ (Judy Garland in 1938) of de hoop op het openen van een deur naar een plek waar problemen verdwijnen.

HET BRENNEPARK

Waarheen en dan terug, 2008 – LUK van SOOM (B)

Wie de kooi binnengaat en het hoofd in de gouden bol steekt, ziet een sterrenhemel en de akoestiek in de bol sluit de aardse wereld buiten. De bezoeker wordt even opgenomen in een universum van rust en ontsnapt aan de gevangenis van het aardse leven.

DE BROUWERIJ

Feux, 2018 – ADEL ABDESSEMED (DZ) Uit Le Chagrin des Belges

Le Chagrin des Belges, geïnspireerd door Hugo Claus’ Het verdriet van België zet een deur open naar een waargebeurde nachtmerrie in het Belgisch Congo van Koning Leopold II die ons land blijft achtervolgen. Hij nodigt de Belgen uit om dergelijke feiten niet te vergeten. Alle werken uit Le Chagrin des Belges zijn gemaakt van houtskool.

SONNET XIV

Als dan het koperen keteltje vol as
van wat ik was wordt leeggeschud
over het geduldig gras,
mijn lief, sta daar niet voor schut

en veeg de rimmel van je wangen.
Denk aan de vingers die deze regels schreven
in onze tijd van verlangen
en die je streelden tijdens hun leven.

En lach om wat ik was, onder meer
het gesnurk in de bioscoop,
de onderbroek die steeds afzakte,

de debiele grap en de logge loop
naar jou keer op keer
toen ik je warme weelde pakte.


Hugo Claus (1929-2008) 
uit: Nu nog (cd)

DE KERK

1000 cups, 2018 – Casper Braat (NL)

De verheerlijking van het bakje troost. Als bezoeker van het Kunstenfestival kan je één van Braats mokken mee naar huis nemen, als je het inwisselt tegen een persoonlijk kopje. De tassen representeren de massaproductie, die ons verleidt om onze eigenheid en ziel te verkopen.

Meer info: Kunstenfestival Watou 2018 nog t.e.m. 03 september 

Ik zal 20 jaar oud zijn in 2030 – Liège-Guillemins Expo

Op de valreep, want zondag is de laatst mogelijke bezoekdag, beslisten we met een groepje oud-collega’s de Luikse tentoonstelling “Ik zal 20 jaar oud zijn in 2030” te bezoeken. Met het oog op de generatie van mijn kleinzoon, was ik natuurlijk extra geïnteresseerd om een blik in de toekomst te werpen van onze vandaag toch al sterk gedigitaliseerde en gerobotiseerde wereld.

In de loop van het academiejaar 2017-2018 werd deze tentoonstelling zowat het orgelpunt van de 200ste verjaardag (1817-2017) van de ULg, de Universiteit van Luik.

De rode draad doorheen de tentoonstelling wordt gevormd door vier thema’s: de geholpen Mens, de verbonden Mens, de verantwoordelijke Mens, de gewijzigde Mens.

Bij de ingang maakt de bezoeker kennis met de Japanse robot Pepper.

Robot Pepper - Expo Luik-Guillemins

Dat de hersenen de kern van onze creativiteit zijn, hoeft geen betoog maar zal de mens dat potentieel altijd op een ethisch verantwoorde manier aanwenden?

De prangende vraag die zich in dit verband opdringt is: zal de mens zijn vrijheid kunnen vrijwaren of zal hij door de machines en de AI verpletterd worden? We kennen ondertussen  voorbeelden van hoe de machine eigen ongeprogrammeerde keuzes maakt met fatale afloop.

Marie Curie 1867-1934 en het röntgenonderzoek – foto: europaexpo.be

In de kamer waar  een rist uitvinders uit het verleden worden voorgesteld die ons leven grondig veranderd hebben, wordt duidelijk hoe deze uitvindingen aan de basis liggen van de huidige geavanceerde technologieën. Het is belangrijk te weten dat de creativiteit die de mens aanzet tot innoveren niet afhankelijk is van een bepaald hersengebied maar wel van de connectiviteit tussen de zenuwcellen waaruit ons brein is opgebouwd. We blijken daarbij wel degelijk 100 % van onze hersenen te gebruiken maar niet voortdurend. Kan het potentieel van die hersenen worden verhoogd? Denkend aan technologieën als internet, GPS, smartphone en bijvoorbeeld medische verworvenheden als het cochleair implantaat (om doofheid te verhelpen) en het netvliesimplantaat dat blindheid kan genezen, weten we dat het hier niet gaat om fantasie maar om realiteit.

Hoe zal onze woonomgeving en woonklimaat  er in de toekomst uitzien? En hoe bieden we de ondervoeding van ¼ van de wereldbevolking het hoofd?

Het “slimme huis” nu nog de hobby van vlijtige elektronici zal in 2030 wijdverspreid zijn. De interoperabiliteit waarin Google (Google Home) en Amazone (Alexa) momenteel de eerste stappen zetten, zou voor een doorbraak in de domotica kunnen zorgen. Maar vernieuwingen hebben ook bijsturingen nodig. De huidige passiefhuizen die ontworpen zijn om buitensporig energieverbruik tegen te gaan, kampen nog met ventilatienormen en het gebrek aan onderhoud van de ventilatiesystemen. En over het algemeen brengen we bijna 90 % van onze tijd door in gesloten ruimtes. Dat zou een probleem kunnen gaan opleveren voor de volksgezondheid in 2030 als daar geen oplossing voor wordt gevonden. De toekomst zal voorkeur geven aan gebouwen met groene ruimtes, biodiversiteit wordt geïntroduceerd, stedelijke landbouw vereenvoudigd. De korte keten-initiatieven vinden weer ingang. Vandaag wordt geëxperimenteerd met aquaponics, hydroponics, productie van alternatieve eiwitten, insecten als voeding, wier, spirulina, in-vitro vlees, microalgen, voedingssupplementen …

Dat het op het gebied van de klimaatverandering en ecologie al vijf over twaalf is, noopt ons aandacht te hebben voor het afvalbeheer, de vervuiling, de mobiliteit, de overbevolking, het water, de architectuur. Er komt een ware revolutie aan op het gebied van de transportmiddelen. Te land, ter zee en en in de lucht zijn er grondige vernieuwingen op til. De “slimme stad” zal de nieuwe informatie- en communicatietechnologieën in verschillende sectoren introduceren en gebruiken. Zachte mobiliteit wordt hier het codewoord voor de toekomst. De fotovoltaïsche baan een te perfectioneren realiteit. De eenpersoonsdrone, een mogelijk alternatief voor helikopter en vliegende wagen?

Dat de Universiteit van Luik ook een belangrijke speler is op het gebied van het Europese ruimtevaartonderzoek is genoeglijk bekend. Dat ze bij haar 200ste verjaardag op deze tentoonstelling dan ook uitpakt met wat ze op dit vlak te bieden heeft, moet niet verbazen.

DSC04024
ExoMars de Europese missie die o.a. het oppervlak van Mars bestudeert.

Ook in de geneeskunde worden op het gebied van herstel en verbetering van de mens opzienbarende vernieuwingen voorzien. De thema’s die hier aangekaart worden  gaan over manipulatie van het menselijk genoom, protheses, orgaandonatie, zelfdiagnose, telegeneeskunde en de ziekenhuiskamer van de toekomst. Het was trouwens aan de ULg dat in 2014 de genetische afwijking ontdekt werd die aan de basis ligt van reuzengroei zoals bij “le géant Constantin”, die 2m59 groot werd en in 1902 in Bergen stierf. En wat zich aandient op het gebied van het hart, symbool voor de diepste essentie van de mens, maar op de eerste plaats een fundamenteel orgaan van ons menselijk lichaam, is niet minder spectaculair: creatie van kunstharten voor transplantatie op basis van stamcellen?

Dat bij al deze wetenschappelijke en technologische experimenten en vernieuwingen de ethische vraag over het moreel verantwoorde handelen wordt gesteld, moet niet verbazen. De richting die de vooruitgang inslaat is ook een politieke kwestie. Dat de transhumanistische droom van menselijke onsterfelijkheid de gemiddelde levensduur van de mens heeft kunnen verlengen door allerlei medische strategieën staat buiten kijf. De grenzen van de levensverwachting verleggen is wetenschappelijk verleidelijk maar stopt het ook ergens?

De gegevens op deze tentoonstelling zijn overdonderend. Een paar uur volstaan nauwelijks om doorheen het aangeboden virtuele en andere tentoongestelde materiaal te komen. En de audiogidsen hadden erg te lijden onder elektronische interferenties. Toch is dit een niet te missen gelegenheid om in de nabije en verre toekomst te blikken en gefascineerd te hopen dat de huidige en de komende generaties van het beste uit deze heerlijke nieuwe wereld zullen kunnen genieten.

Meer info: www.europaexpo.be

Herinneringen aan Hugo Claus in Ons Erfdeel en Bozar en luisterwandelen in het Kortrijkse decor van Het Verdriet van België

Claus zal vooral als dichter overleven, vindt Ons Erfdeel vzwhoofdredacteur Luc Devoldere. Hij is een van die zeldzame dichters die grootse verzen heeft afgeleverd waarin vaak een zwakke, soms lullige regel voorkomt. Je moet een groot dichter zijn om daarmee weg te geraken. Oostende mag dus haar zegeningen tellen dat iemand over haar hét gedicht schreef; West-Vlaanderen weet het al lang, en de klappertandende liefde komt aan al haar trekken bij deze man die haar neergeschreven heeft. – Luc Devoldere

Toen ik, twintig jaar geleden, als zeventienjarige op de Schrijversvakschool in Amsterdam terecht kwam, wilde ik geen dichter worden. Ik wilde een grootse, meeslepende roman schrijven, over de liefde en de dood. Tot er tijdens een les een opname van Hugo Claus werd afgespeeld. Met zijn bijdrage aan de wat je de Onvergetelijke Gedichten zou moeten noemen: ‘Nu nog’ Het ging natuurlijk niet alleen om dat gedicht. Het ging ook om de stem. De intonatie. De zinderende, zangerige klanken. Poëtische porno. Ik herinner me dat de klas, vol vrouwen die een stuk ouder en mogelijk een stuk beschaafder waren dan ik, een beetje stilviel na afloop. Er werd wat geanalyseerd, wat nagepraat, heel keurig gewezen op een bepaalde symboliek. Terwijl ik nog zat na te gloeien. Die bruingebakken stem. Dat vuur, die honing, die verbetenheid, die nijd, die melancholie vermengd met wellust… Ik had niet geweten dat je met één tekst zoveel teweeg kunt brengen. Alle zintuigen. Alle grootheden. De dood. De liefde. Het hele leven. Wham. Daar lag de bodem van de poëzie. –Ester Naomi Perquin

Er is een ontroering in herkenning, en de gedichten die Claus schreef over het boerenleven voelen alsof ze speciaal voor mij gemaakt zijn. ‘Oude man met varken’ is een van mijn lievelingsgedichten van hem. Je proeft meteen de klei in je mond, je bent meteen weer terug op het ruwe land dat mensen uitspuugt alsof het niets is, om ze daarna weer even makkelijk op te slorpen. – Ellen Deckwitz

Ons Erfdeel vroeg ook Miriam Van hee, de recentste laureaat van de Ultima voor de Letteren, naar haar favoriete Claus-gedicht. Het werd een beklemmend gedicht:

Ik heb het laatste gedicht (vóór de Vier verklaringen) uit De Oostakkerse gedichten gekozen (ook ik groeide op in Oostakker, maar in een andere tijd). Ik had misschien ook een ander gedicht kunnen kiezen, maar toch een uit deze bundel, die hermetischer is dan zijn latere dichtwerk, maar opvalt door een krachtig, stuwend taalgebruik (ik hoor bij het lezen van zijn gedichten altijd zijn bezwerende stemgeluid), sterke metaforen, een aardse thematiek, en, geef ik toe, een grote raadselachtigheid.

Ik houd van woorden of zinnen met een gelaagdheid. Je zou bijvoorbeeld kunnen lezen: ‘vergeving is mannelijk en vrouwelijk, (vergeving) is vergif’, een bedrijf kan begrepen worden als ‘nering’, maar ook als deel van een toneelstuk (of van het wereldse toneel).  Wat nog meer opvalt: een taal met een hoog poëtisch gehalte, klankovereenkomsten, in ‘nering’ weerklinkt ‘keerkring’, in ‘vergeving’, ‘vergif’. Tegenstellingen: woede-deernis, dorst-water, mannelijk-vrouwelijk, vergeving-vergif.

Het is een wat somber, beklemmend gedicht, (vergif, stolde, dorst, binnen), alsof de dichter op zichzelf teruggeworpen wordt, alsof zijn vrijheidsdrang gefnuikt wordt en hij met de neus op de feitelijkheid wordt gedrukt (op de condition humaine): de nering van de mens in zijn keerkring. – Miriam Van hee

En ook Marc Didden herinnert zich Hugo Claus, met liefde.

10 jaar na zijn dood en 50 jaar na mei ’68 wijdt BOZAR een museale tentoonstelling aan Vlaanderens meest bekroonde auteur: Hugo Claus. De multidisciplinaire expo toont Claus in al zijn facetten: schrijver, schilder, theatermaker, filmregisseur. Toch wordt het geen traditioneel overzicht van een leven en een oeuvre. Curator Marc Didden maakt met liefde – con amore –  een hoogst persoonlijke tentoonstelling, niet óver Claus, maar vóór Claus. Een eigenzinnig portret, samengesteld uit nauwkeurig geselecteerde archiefbeelden, foto’s, tekstfragmenten en kunstwerken van o.a. Appel, Raveel en Ensor, maar ook hedendaagse kunstenaars als Borremans, De Cordier, Dillemans en Vanriet. En er is de nauwe band tussen Claus en het Paleis voor Schone kunsten, waar hij eerst tentoonstelde in 1959, deelnam aan het legendarische ‘Poëzie in het Paleis’ in 1966 en een protestavond tegen censuur leidde in mei ‘68. – Bozar: Hugo Claus, Con Amore tot 28 mei 2018

Luisterwandelen in het decor van Het Verdriet van België in Kortrijk met smartphone of gewoon thuis op de website van Izi Travel.