Waarom zou ons leven in evenwicht moeten zijn ? | prof. Ignaas Devisch | VAM

Over een pleidooi voor mateloos leven

We werken minder maar we hebben meer te doen. We hebben meer vrije tijd maar we slapen minder. Terwijl we klagen over de drukte, de gejaagdheid en de toename van burn-out, plannen we onze weekends vol met activiteiten. Kortom, we slagen er niet in om niets te doen, rusteloze wezens als we zijn. Of we rusten uit om daarna nog harder voort te doen.

Wie denkt dat alleen wij daarmee worstelen, heeft het verkeerd voor. Al eeuwenlang zoeken we een uitweg voor een probleem dat we zelf opzoeken: een gevuld leven waaruit het maximum is gehaald. Willen we begrijpen waarom wij vandaag worstelen met een gebrek aan tijd, dan moeten we beseffen dat het zoeken naar meer evenwicht in ons drukke leven, nooit de oplossing kan zijn, maar eerder een deel van het probleem. Zo niet valt nooit te verklaren waarom we verder doen met iets waarover we voortdurend klagen.

Daarom deze prangende vraag: hoe kan het nu dat we zeuren over onrust en ons tegelijk geen leven zonder tijdsdruk kunnen voorstellen? Als het dan toch zo hemels druk is, waarom slagen we er niet in niets te doen? Wie of wat houdt ons tegen? Welke complexe structuur is hier aan het werk? Over deze vragen ging de voordracht met als centrale thema’s: onrust, rusteloosheid en drukte, over verveling en niets doen. bron: Vlaamse Academici Mechelen

Waarom zou een goed leven een leven in evenwicht moeten zijn, vraagt Ignaas Devisch zich af. De observatie van de actualiteit toont ons dat we het te druk hebben en tegelijk ook die drukte blijken nodig te hebben. Wat zeggen de meeste analyses hierover? Het neoliberalisme wordt als schuldige aangehaald: een andere economie zou het probleem van de kaart helpen. Ook de iphone en de smartphone worden met de vinger gewezen en er bestaan talloze pleidooien voor ‘verlangzaming’ en trager leven.

Een blik in de geschiedenis leert ons echter dat het probleem niet nieuw is. In de 14de eeuw al werden de bronnen van rusteloosheid bij het ontstaan van de moderne samenleving gezocht. Modernisering ging hand in hand met versnelling; Hartmut Rosa, in de literatuur wel eens de ‘onthaastingsgoeroe’ genoemd, stelt dat we een explosie van ‘Weltopinionen’ beleven en te weinig tijd hebben om ze allemaal te benutten. Er is een samengaan van rusteloosheid en tegelijk een weglopen van verveling. Zelfs in 1893 Schreef Wilhelm Erb al ‘uber die wachsende Nervosität unserer Zeit’. En de moderne mens, zo werd onderzocht, slaapt gemiddeld anderhalf uur minder dan 150 jaar geleden.

De analyse van prof. Devisch komt hierop neer: de onrust wordt veroorzaakt door de natuurlijke drive in onszelf en de economie heeft die onrust versterkt maar niet de rusteloosheid op zich, die blijkt van alle tijden. We slagen er gewoon niet in niets te doen en daar is niets mis mee. Rusteloosheid is een bron van leven.

Als we even kijken naar dieper liggende processen dan kunnen deze drie worden aangehaald: versnelling, secularisatie en individualisering. Het time is money-principe is erg belangrijk: het kan nooit snel genoeg gaan maar het is niet het enige proces. Er is ook de verder schrijdende secularisatie die volgens Marianne Grönemeyer ‘das Leben als letzte Gelegenheit’ ziet. Modern leven wordt een leven zonder het perspectief van een hiernamaals. De dood komt voor het moderne individu ‘chronisch te vroeg’. Leven is dus maximaal alles benutten. In de moderne samenleving is goed leven alles uit het leven halen. En een derde proces, bestaat erin dat we minder werken maar steeds meer te doen hebben; individu zijn is constant aan jezelf werken. Ontevredenheid met onszelf zorgt ervoor dat drukte en onrust constant aanwezig zijn.

Bestaat er een remedie? Is de tijd zelf in handen nemen de oplossing?
We leven slechts één keer. Leven is dynamiek, beweging en rusteloosheid. Het is blij zijn met onze niet aflatende energie. Waarom zou er een evenwicht moeten zijn? Een mateloos leven is een leven met de drijfkracht, de wil om iets van dat leven te maken, zo besluit prof. Devisch zijn betoog.

Een interessante filosofische benadering van onze drukke, steeds snellere moderne samenleving die aantoonde dat onze rusteloosheid niet per se problematisch hoeft te zijn; dat mateloos leven in ieders bereik ligt en gelukkig kan maken, denkend aan o.a. Stéphan Hessels Indignez-vous! en escapee en D Day-veteraan  Bernard Jordan.

Ignaas Devisch (1970) is professor in filosofie, medische filosofie en ethiek. Hij werkt als filosoof aan de Universiteit Gent en de Arteveldehogeschool en publiceert en spreekt regelmatig in binnen-en buitenland. Hij was 5 jaar gastonderzoeker aan Radboud Universiteit van Nijmegen. Begin 2016 verscheen bij De Bezige Bij zijn boek Rusteloosheid: pleidooi voor een mateloos leven. Zijn onderzoek gaat vooral uit naar vraagstukken over autonomie en verantwoordelijkheid in de gezondheidszorg.

België verovert 11 medailles in Rio: “Een fantastische editie”

Dikke proficiat voor deze dappere dames en heren

Belgisch Paralympisch Team 2016 – foto: paralympic.be

Ons land heeft de voorbije dagen op de Paralympische Spelen in Rio de Janeiro 11 medailles behaald. “De atleten hebben uitstekend werk geleverd”, klinkt het bij het Belgisch Paralympisch Comité (BPC). “We hopen dat de atleten met hun prestaties de Belgische maatschappij kunnen inspireren.”

De Belgische selectie reisde naar Rio de Janeiro af met een duidelijk doel: 8 medailles veroveren op de Paralympische Spelen. Maar de Belgische atleten hebben zichzelf overtroffen en kunnen met 11 medailles in hun koffer terugkeren naar Brussel.

“Deze editie was fantastisch”, verklaarde Anne d’Ieteren, voorzitster van het Belgisch Paralympisch Comité, nadat de laatste Belgische sporter in actie was gekomen. “Voor België was dit absoluut een positieve editie.”

“Onze officiële doelstelling was 8 medailles, maar aan de staf had ik gezegd dat ik meer dan 10 medailles wou. De atleten hebben uitstekend werk geleverd. Vrijdag behaalden we zelfs 4 medailles op 1 dag. Dat hadden we nog niet meegemaakt.”

De Spelen in Rio zijn voor de Belgen de meest succesvolle editie in 16 jaar. “Maar je mag geen vergelijking maken met de periode voor Sydney 2000. Toen waren er enorm veel categorieën.”

“Uiteindelijk zijn er nieuwe klassen gekomen. Soms lijken die categorieën niet rechtvaardig, maar we mogen die niet in vraag stellen. De indeling is er gekomen op basis van ernstige wetenschappelijke studies.”

“Onophoudelijke inzet, positieve sfeer en professionalisering”

“Drie factoren hebben bijgedragen tot dit succes”, verklaart delegatieleider Olek Kazimirowski. “Er is de onophoudelijke inzet van alle atleten, hun ouders en de staf gedurende de voorbije jaren.”

“Ten tweede zijn we erin geslaagd om een positieve sfeer te creëren in het paralympisch dorp. Maar ook de professionalisering van de structuren is een belangrijke factor. Het BPC, Parantee en Ligue Handisport Francophone hebben goed samengewerkt. Voor Tokio willen we absoluut voortdoen met die professionalisering.”

“We hopen dat de atleten met hun prestaties de Belgische maatschappij kunnen inspireren en dat mensen hierdoor anders kijken naar een persoon met een handicap. Maar we hebben nog een hele weg af te leggen.”

Overzicht van de 11 Belgische medailles in Rio de Janeiro

  • Goud (5): rolstoelatleet Peter Genyn (2x), tafeltennissers Laurens Devos en Florian Van Acker, amazone Michèle George
  • Zilver (3): wielrenner Kris Bosmans, rolstoelatlete Marieke Vervoort en amazone Michèle George
  • Brons (3): rolstoeltennisser Joachim Gérard, rolstoelatlete Marieke Vervoort en het handbiketrio Jean-François Deberg, Christophe Hindricq en Jonas Van de Steene

bron: sporza.be

Eupen (B), hoofdstad van de Duitstalige Gemeenschap

Een verkennende luswandeling door de bovenstad

Grenz -Echo in een voormalige lakenkoopmanswoning aan de Marktplatz – foto: frie peeters

Toen Eupen voor het eerst in 1213 vernoemd werd, behoorde het toe aan het kleine Groothertogdom Limburg (Limbourg); na de Slag bij Worringen (1288) komt Limburg bij het Hertogdom Brabant en deelt het gedurende meer dan 500 jaar de wisselende geschiedenis van Brabant en van wat later België zal worden. De heersers in Brabant waren: Bourgondië vanaf 1387, Oostenrijk vanaf 1477, Spanje vanaf 1555, opnieuw Oostenrijk vanaf 1714 en Frankrijk vanaf 1794. Met de nederlaag van Napoleon in Waterloo en het daaropvolgende Congres van Wenen (1814-1815) werd het voormalige Hertogdom Limburg verdeeld waarbij het oostelijke deel (met Eupen) aan Pruisen werd toebedeeld. Met het Verdrag van Versailles (1919-1920), dat WO I afsloot, werd de staatsgrens opnieuw naar het oosten verlegd. Op die manier werd het oostelijke deel van het voormalige Hertogdom Limburg Belgisch grondgebied, met een korte Duitse inname van mei 1940 tot september 1944. Eupen bezit nog talrijke goed bewaarde koopmanswoningen uit de 18de eeuw. Deze gebouwen getuigen van de economische welvaart die de stad heeft gekend dankzij de wereldwijde expansie van de bloeiende lakennijverheid.

Der Clown: das Wahrzeichen des Eupener Karnevals – foto: frie peeters

Wie Eupen zegt zegt natuurlijk ook carnaval. Vermoedelijk is het carnaval in Eupen zo oud als Eupen zelf. In 1696 was er de eerste juiste berichtgeving over het driedaags feest. Sinds de 19de eeuw oriënteerde het carnaval van Eupen zich op de gebruiken van het naburige Rijnland. De eerste bij akte vastgestelde Rosenmontagstoet met gekostumeerde groepen vond plaats in 1884. Maar pas vanaf 1948 startte het carnaval met jaarlijks georganiseerde Kappensitzungen, een Prinsenstoet en de Rosenmontagstoet.  Het Clown-standbeeld, symbool van het Eupense carnaval, draagt hier het uniform van het Eupener Knabenchor omdat zij op 25/09 in de Sint-Niklaaskerk hun concert geven.

Eupen is ook de hoofdstad van de Duitstalige Gemeenschap en telt 18.032 inwoners. In het noorden en het westen wordt zij door weilanden omgeven, in het oosten en het zuiden liggen stadsbossen en het Hertogenwoud. Merkwaardig is het feit dat de stad in twee delen is verdeeld: enerzijds in de bovenstad, die in een breed, uitspringend dal ligt, en anderzijds de benedenstad, die zich aan de oevers van de Vesder en Hill gevestigd heeft. Terwijl de benedenstad met haar oude stadsgedeelte, zich uitstrekt aan het Hertogenwoud en de terreinen van de kabelfabrieken aan de Vesder, wordt de bovenstad als inkoop- en handelsstad bestempeld. Deze wandeling gaat door de bovenstad.

Bron: Eupense luswandeling door de bovenstad – Recreatieve wandelroute | RouteYou

%d bloggers liken dit: